Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Keeren wij tot onze jongelieden terug.

Nadat zij ongeveer een half uur hadden gewacht, verscheen een ridder in volle wapenrusting te paard met een kruisvlag in de hand voor de poort en riep met luider stem: »De genade Gods en van den heiligen Vader is voor uwe poorten verschenen, o, burgers van Annaberg! Bereidt u om haar te ontvangen."

Terstond werden de klokken geluid, de menigte jubelde, doch ontblootte terstond het hoofd en zweeg stil, want de stoet die Tetzel zou inhalen verliet de kerk. Het was een indrukwekkende optocht. De stedelijke raad, in ambtsgewaad, ging vooruit, op hem volgden de hoogere en lagere geestelijken der stad, allen in vol ornaat, daarachter liepen de gildebroeders met hunne vanen en banieren, gevolgd door meisjes en knapen met brandende waskaarsen in de hand; onder leiding van hunne onderwijzers een lied ter eere der heilige maagd zingende. De optocht werd besloten door studenten der hooge-" school met hun banier in het midden. Toen de stoet buiten de poort, dien van den aflaatkramer had bereikt, bogen allen eerbiedig het hoofd en sloten zich achter den laatsten- aan. Deze was niet minder schoon. Vooruit ging een bode, die op een rood fluweel met goud omzoomd kussen, de pauselijke bul, waarbij de aflaat was afgekondigd, droeg. Tetzel was in een gemakkeljjkon wagen gezeten en had een rood houten kruis in de hand waaraan de pauselijke banier was gehangen. Drie geharnaste ruiters reden aan beide kanten van den wagen en een talrijke menigte monniken en edelen volgde. :^»*|j§

Zoo deed Tetzel onder klokgelui en gejuich, als ware hij een regeerend vorst, zijn intrede in Annaberg, zoo trok hij iedere stad, waar hjj een goeden buit verwachtte, binnen.

Toen de stoet voorbij was, nam Frederik die opgetogen was door hetgeen hij gezien had, zijn vriend bij den arm en trok hem mede. Zoo snel zij konden ijlden zij naar de kerk en kregen, niet dan met groote moeite, een plaatsje waar zij alles konden zien en hooren.

Het kussen met de bul, werd op het altaar gelegd het kruis er voor geplaatst en met de teekenen der pauselijke waardigheid omhangen; daarvoor werd de offerkist geplaatst, waar-

Sluiten