Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vraag 156. Mogen vrij Gods naam ook aanroepen in den eed?

Antw. Ja, als de overheid of de nood het vordert, mogen wü, om trouw en waarheid er door te bevestigen, God aanroepen tot een getuige over onze ziele, want dat is in Gods Woord gegrond a), en dat hebben ook de geloovigen onder het Oude en Nieuwe Testament gedaan b).

a) Deut. 6 : 13. Gij zult den Heere, uwen God, vreezen en Hem dienen; en gij zult bij Zijnen naam zweren.

b) Gen. 21 : 24. En Abraham zeide: Ik zal zweren. Rom. 1 : 9a. Want God is mijn getuige, welken ik diene

in nnjnen geest.

ZONDAG 38.

Vraag 157. Wat gebiedt God in het vierde gebod?

Antw. In het vierde gebod is allereerst iets, dat tijdelijk alleen voor Israël gold n.m. de strenge rust op den zevenden d&ga).

a) Ex. 20 : 10. Maar de zevende dag is de sabbat des Heeren uws Gods; dan zult gij geen werk doen, gij, noch uw zoon, noch uwe dochter, noch uw dienstknecht, noch uwe dienstmaagd, noch uw vee, noch uw vreemdeling, die in uwe poorten is.

Vraag 158. Wat ligt voor de gemeente onder de nieuwe bedeeling in dit gebod besloten?

Antw. Omdat Christus de wet heeft volbracht en daarna opgestaan is uit de dooden, dienen wij Hem bijzonderlijk op den eersten dag der week, welken hij" tot Zijn dienst heeft geheiligd a).

a) Ps. 118 : 22—24. De steen, dien de bouwlieden verworpen hadden, is tot een hoofd des hoeks geworden. Dit is

Sluiten