Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het ware mij gemakkelijk uit verschillende jaargangen van de Java-Post meerdere reeksen van opstellen aan te wijzen — b. v. in den 12den Jaargang „Theosophische zedenleer", waarin de leer der Theosofen wordt uiteengezet. De mij bekende Jezuieten, schijvers over Theosophie, P. Huil te Bombay, P. Zimmermann in Duitschland, P. de Grandmaison te Parijs, P. P. Clark en Martindale in Engeland, P. Busnelli te Rome behandelen op de eerste plaats de absurditeiten, de goddeloosheden van het Theosophisch systeem, waarvoor geen ander bewijs wordt aangevoerd dan zgn. bovennatuurlijke mededeelingen aan personen, die niet het minste vertrouwen verdienen.

Dus alweer een nieuwe „distractie" van M. Labberton.

Intusschen is en blijft het persoonlijk argument hier van de grootste waarde. Volgens den Heer Labberton immers en zijne, volgelingen is Mevr. Blavatsky als een bovennatuurlijke heilbode door de „Meesters" gezonden om aan de wereld op nieuw waarheid, licht en bevrijding te brengen. Deze dame durft de eeuwenoude, heiligste waarheden van den Christelijken godsdienst op de ruwste wijze beschimpen en verguizen, om in de plaats een duister mengsel van goddeloosheid en wartaal onder schijn van godsdienst, die zich als diepzinnige esoterische wijsheid aandient, den menschen op te dringen.

En aan een dergelijk iemand zou men niet naar hare papieren mogen vragen ?

Over vele andere minder subjectieve beroemdheden schrijvend, zal men zich in den regel niet veel om hunne persoonlijkheid bekommeren. Maar waar iemand als een apostel der waarheid, een baanbereidster van de toekomst, ja als een spreekbuis van de Godheid ons hare persoonlijkheid opdringt, daar hebben wij het volste recht, ja den duren plicht, die persoon te toetsen aan de eeuwige beginselen der zedeleer en der waarheid.

De Heer Labberton sprak van ,een betoog dat moeilijk te, weerleggen valt". Nu beteekent het woord „betoog" grondig en duidelijk bewijs. En dan heb ik in geheel de theosophische boekenverzameling van af Blavatsky tot Labberton — si parva Heet componere magnis — nog nooit ergens ook maar een schijn van betoog aangetroffen. Of men Besant leest of Steiner of

Sluiten