Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uiterlijke teekenen gaat natuurlijk «De Gave des Geestes» zelve!

In de teekenen zien wij het uitverkoren Teeken n.1.: de Talen of Tongen. (Het Grieksche woord «Gloossa» beteekent beiden). De Heere had ook gezegd: «Met Nieuwe Tongen zullen zij spreken» (Mark. 16:17). «Profetie» had men ook onder het O. Test.; doch spreken in «Andere Talen» niet, en behoort dan ook bij de «bedeeling des Geestes» en is een «>N. Testamentsch teeken». (2 Cor. 3). God is vrijmachtig in het kiezen! De mensen zal Hem niet onderrichten (Rom. 11:33-36). En wat de Heere doet, is welgedaan. De «Tong» door Jacobus genoemd een onbedwimgelijke kwaad (3:3-12); wordt door den Heere verkozen, om Hem te loven in den Heiligen Geest; en gesteld als symbool in de «Bediening des Geestes»; en tevens tot Teeken of Bewijs van de vervulling des Geestes.

3) «Spreken met andere-talen, gelijk de Geest hun gaf uit te spreken». «... een iegelijk hoorde hen zijne eigene taal spreken» 2:6) Ontzetting en verwondering (7). «... wij hooren hen in onze talen de «Groote Werken Gods» spreken», (vers 11)... Twijfelmoedig en bespotting (vers 12, 13).

Noot: Er staat niet dat het «evangelie gepredikt» werd. Dus geen Prediking (vgl Matth. 28:19), maar Lofzegging, Profeteeren door den Geest. (Hand. 2:17; 10:46) God in Zijn voorzienigheid had den weg bereid. Ten gevolge van de veroveringen door Alexander en de stichting der Grieksche rijken door zijne generaals, was het Grieksch, de wereld*-taal. Elk land had wel zijn eigen taal of tongval (2:8 «dialektos»). Al de Brieven zijn in het Grieksch geschreven. (Natuurlijk is God machtig zoo iets te herhalen door zendelingen in verre landen; of in vergaderingen waar vreemdelingen tegenwoordig zijn, en slechts hun moedertaal kennen. Wij weten dat zulks ook gebeurd is; en zielen daardoor tot bekeering kwamen). Na de gestelde vraag (en het spotten): Wat wil toch dit zijn? (2:13t4); verhief Petrus zijne stem, en sprak tot hen (natuurlijk In één taal) en verkondigde het evangelie (2:14-39) zeggende o.a. Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt... En met veel meer andere woorden betuigde hij (vers 40; Mark. 16:1516; Luk. 24:47 vglk Hand. 2:4).

Noot: Ook hebben we in Hand. 2:4 niet de «gave der menigerlei talen» (vgl. 1 Cor. 12:10; 14:2); maar «spreken met andere talen zooals de Geest hun gaf uit te spreken», als een «Teeken of Bewijs» van het ontvangen van den Heiligen Geest, (vgl. Mark. 16:17; Hand. 19:6).

DE GAVE DES HEILIGEN GEESTES Wederom zeggen we: Verre boven de uiterlijke teekenen gaat de innerlijke-wezenlijke-Gave, n.1.: «de Heilige Geest»! De woorden: «en zij werden allen vervuld met den Heiligen Geest» zijn dan ook de belangrijksten, ^— dus niet het Teeken der Talen; maar de «Gave des Heiligen Geestes, is hoofdzaak. —

Sluiten