Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDST. 5 : 39: „Onderzoekt de Schriften, want gij meent in dezelve het eeuwige leven te hebben; en die zijn het, die van Mij getuigen."

hoofdst. 6 : 47:

«Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: die in Mij gelooft, heeft het eeuwige leven."

hoofdst. 10 : 11, 27 en 28: „Ik ben de goede Herder: de goede herder stelt zijn leven voor de schapen .... Mijne schapen hooren Mijne stem en Ik ken dezelve en zij volgen Mij, en Ik geef hun het eeuwige leven; en zij zullen niet verloren gaan in der eeuwigheid en niemand zal ze uit Mijne hand rukken."

Handelingen der Apostelen. Hoofdst. 4 : 12: „En de zaligheid is in geenen anderen; want er is ook onder den hemel geen andere naam, (dan de naam Jezus,) die onder de menschen gegeven is, door welken wij moeten zalig worden."

. . Hoofdst. 13 : 39:

„En dat van alles, waarvan gij niet kondt gerechtvaardigd worden door de wet van Mozes, door dezen (door Jezus Christus) een iegelijk, die gelooft, gerechtvaardigd wordt."

Hoofdst. 16 : 30 en 31: „De stokbewaarder hen buiten gebracht hebbende zeide: Lieve heerenl wat moet ik doen, opdat ik zalig worde?

Sluiten