Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de menschen is/ en ik heb dit gedaan omdat ik gevoelde dat de nood mij opgelegd was, en dewijl mij de liefde van Christus daartoe drong. Ik strijd niet voor een kerkgenootschap, maar voor de eer van Hem, wiens alwijs bevel door deze menschelijke inzetting krachteloos gemaakt wordt. En indien bij u, waarde lezer, de eer en het aanzien van een kerkgenootschap op den voorgrond staat, en indien gij geen eerbied hebt voor het woord des Heeren, dan zal mijne poging om n te overtuigen vruchteloos zijn. Oordeelt echter bij uzelven of het recht is, de menschen meer te gehoorzamen dan God ? „Indien gij wilt deszelfs wilt doen, dan zult gij van deze leer bekennen of zij uit God is, dan of ik van mijzelven spreek." Dat de Heere uw hart daartoe moge neigen, is mijne bede, want Hij, die bij zijn heengaan oas dit bevel gegeven heeft, zal spoedig wederkomen om de zijnen tot zich te nemen. Moge dit werkje eenigermate daartoe bijdragen, dat ten minste eenigen van hen zich van de overtreding van Zijn bevel mogen bekeeren, en dat gij en ik voor Zijne komst bereid mogen zijn, „opdat, wanneer Hij zal geopenbaard zijn, wij vrijmoedigheid mogen hebben, en wij van hem niet beschaamd gemaakt worden in zijne toekomst," maar „dat wij onbevlekt en onbestraffelijk van Hem mogen bevonden worden in vrede!"

Mijn Jezus, Gij zijt voorgegaan

In Kanan's breeden vloed; Gij wijst mij door Uw voorbeeld aan

De wegen voor mijn voet.

Gedoopt te zijn in Uwen dood,

Begraven naar Uw woord, Is Jezus, wat Uw mond gebood,

En wat mijn hart bekooit.

Want menschengunst en menschen eer,

Heeft niet mijn ziel gered, En menschenvond en menschenleer,

Is niet Uw volk tot wet.

Sluiten