Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Loevestein ;gebracht. Wel mislukte de verrassing van Amsterdam, maar het forsche optreden miste zijn doel niet. Bevreesd voor den handel legde de machtige koopstad het hoofd in den schoot. De krijg was voorkomen. De Staten-Generaal zegevierden.

Zeer kort heeft de prins van zijn triomf genoten. Reeds in hetzelfde najaar sleepten de pokken hem ten grave. Helaas, tot groote vreugde van de meeste regenten. Nu kon de periode van de ware vrijheid aanbreken ! Men kon ternauwernood zijn blijdschap over dit sterven inhouden ! Het eenvoudige volk begreep beter, wat Oranje voor Nederland beteekende.

Vragen:

1. Hóe dacht Willem II over den Munsterschen vrede ?

2. Waarom zou hij naar oorlog verlangd hebben ?

3. Wat was er met zijn schoonvader gebeurd ?

4. Welke nadeelen heeft een huurleger ?

5. Weet u wanneer de loting hier is ingevoerd ?

6. Vertel eens iets over den aanslag op Amsterdam.

7. Wie was stadhouder van Friesland ?

8. Met wie is deze later gehuwd ?

9. Waaruit bleek de blijdschap over Willems dood ? 10. Wie moesten nu de Oranje-traditie voortzetten ?

Lectuur:

Te Merwe, blz. 309—313.

Groot Vertelboek II, blz. 166—175.

Langedijk I, § 19 a.

Algra II, blz. 9—16.

XX. JAN DE WIT.

1. Van de minderjarigheid van Willem III hebben de regenten gebruik gemaakt, om zelf de macht in handen te nemen. Het eerste stadhouderlooze tijdperk is de bloeiperiode van de regentenheerschappij. Men moet erkennen, dat onder de regenten zeer bekwame mannen waren, die naar hun beste weten de zaken des lands hebben geleid. Bovenaan stond wel Jan de Wit, zoon van den Dordtschen burgemeester Jacob de Wit. Hij is de groote verdediger van de „ware vrijheid" geweest.

„Ware vrijheid" noemde De Wit den toestand der republiek, wanneer geen vorstelijk persoon als stadhouder aan haar

Sluiten