Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

azuren gewelf des hemels, en hoog verhief zich dat blaauwe uitspansel. 44|*Éf3'. :

Toen hief ook dit gansche koor den slotzang

aan: ,bg.

• Het was avond geweest,

En het was morgen geweest:

De tweede dag." Nu rijst er een ander gezang, dat al juichende de schepping der aarde verkondigt, en eene stem wordt gehoord, welke zegt:

»God sprak: - n Dat de wateren onder den hemel vergaderd worden op éene plaats;

En dat het drooge gezien worde! En het was alzoo."

Toen nu de zee, de wereldoceaan, zich verdeelde, en de aarde alleen te voorschijn trad, hief eene tweede stem aldus aan:

»En God noemde het drooge aarde ;

En de vergadering der wateren noemde Hij 'zeeën; ■ En God zag, dat het goed was."

Nog eenmaal verhief de eerste stem van dit koor haar gezang:

,,.. • En God zeide:

Dat uit de aarde jonge planten uitspruiten, < --Zaadzaaijende" kruiden , vruchtgeboomte,

Dragende naar zijnen aard vruchten, t'Welker zaad daarin zij over de gansche aarde!

En het was alzoo."

Sluiten