Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lab an gepleegd, beide onverschoonbaar en kenmerken zijns ongeloofs. Zoo menige zware besehuldiging mag in die ure zijn hart bestormd hebben. Hetgene de Wijsgeer jacobi (*) die EöUenfahrt der Selbsthénnpniss noemt; zoo iets, drinkt mij , moet er met jacob plaats gevonden hebben. Hij zag zijne zonden ontdekt, verzwaard en in al derzelver vrfeésselijbheid zich voor oogen gesteld.

Een man, die hem hier ontmoette, was het, die den strijd met hem streed, die hem op deze wijze aantastte. Wie hij was ? Jacob eischte eenen zegen van hem, vs. 26 ; begeerde van hem de verzekering te ontvangen, dat hem geen ongeval van ezau te wachten stond. Voorts wordt er bepaald gezegd, dat de man, met welken jacob streed, de Heer zelf was, vs. 28 ; terwijl jacob de plaats, waarop hij gestreden had, Pniël noemde, omdat hij hier God van aangezigt tot aangezigt gezien, en hij zijne ziel genezen had, vs. 30, dat is, met troost, moed en blijdschap vervuld had.

En nogtans wordt deze strijder een Engel genoemd, hosea XII: 5. Geene moeilijkheid levert dit echter op; want wij besluiten met grond, dat het dezelfde Engel geweest is, die Genesis XVI: 10 en XXII: 11 voorkomt, Welken jacob in den zegen jozefs , Gen. XLVIII: 16, den God abbahahs, izaSks en jacobs, en naderhand dien Engel, die hem verlost had van alle kwaad, noemt. Billijk besluiten wij daarom , dat het de eeniggeboren Zoon Gods geweest

( ) Aiwia's Briefsammlung.

Sluiten