Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelijk de dienstknecht die het ééne talent ontvangen had Dan gaan zij zich zeiven de vergeving der zonden en den Hemel toepassen, zonder eenigen grond! Zoude zulk eenen niet in den Hemel komen, zeggen zij, die zoo veel ontvangen heeft? En als er verdrukking komt om des Woords wil, dan vallen zij af. Zij keeren weder met de zeug tot de wenteling des slijks, en met den hond tot zijn uit braaksel; het ware hun beter den weg der gerechtigheid nooit gekend te hebben, 2 Petr. II: 21, 22.— Daar is dan eene gemeenschap van Gods kinderen met den Persoon en met Zijne gaven; en hunne gemeenschap is vast, omdat zij den Persoon hebben.

Dit nu zoo zijnde, zoo gelooven wij, dat er iets in het hart zal opwellen, namentlijk ! zoo dat waar is, waarom wordt er dan in den Bijbel niet meer van gesproken ? Wij lezen zoo schraal van de gemeenschap des Geestes.-— 1 Joh I : 3 staat: op dat deze onze gemeenschap zij mei den Vader, en met 'lijnen Zoon Jezus Christus. De Geest mag daar niet eens bijkomen! — Wees niet al te haastig. Zoudt gij meenen, dat er al te schraal van in den Bijbel gesproken wordt? Gij zoudt dan ellendig verdwaald zijn. Daar is geen één vers in den Bijbel, daar van den Geest niet in gemeld wordt. Daar wordt nergens meer, van gesproken, dan van den Derden Persoon, en van Zijne gaven. Daarom wordt de geheele bediening genoemd, de bediening des Geestes. Jez. LXIX : 21. Mij aangaande, dit is mijn verbond met hen zegt de Heere. Mijn Geest die op u is, en mijne woorden die ik in uwen mond gelegd bebbe, die en zullen van uwen monde niet wijken, noch van den monde uws zaads, noch van den monde des zaads uws zaads, zegt de Hkbrr, van nu af aan tot in eeuwigheid toe. — Mijn Verbond is, dat Woord en Geest zamen zullen gaan. Dat is al van oude tijden af aan bekend.

Het is wel waar, dat er de predikanten niet veel van prediken; zij moesten het meer doen maar zij vreezen dat zij er zeiven door geraakt zouden worden. Waarom doen zij het niet meer? Wel, zij bézitten er zeiven niet veel van. Ik wil daarmede niet zeggen, dat ik er zoo-

Sluiten