Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

elk seizoen, de steeds grilliger mode haar scheppingen af, en zonder verschil van landstreek of klimaat, van leest of tint, van maatschappelijke gesteldheid of geldelijke krachten, meent al wat vrouw heet het bekoorlijkste te zijn, met slaafsch haar wenken te volgen. Alleen het zijden of katoenfluweel, wat dikker of wat dunner zijde, de echte of de valsche kant, onderscheidt het gewaad der hoogere en der lagere standen. De kleederdracht onzer dienstmaagden streeft die heurer vrouwen straks op zijde, en zoo ge onze boerinnetjes op marktdag bespiedt, merkt ge wel dat onze Aglaia of Gracieuse zelfs bij de melktop niet versmaad wordt. Ach! in verafgelegen gewesten alleen handhaaft zich nog met moeite en zieltogend het eigenaardig costuum van onzen frieschen boerenstand. Het leger is het eenig deel van ons volk, dat juist door zijn uniform de algemeeneuniformiteit nog breekt, en als om voor altijd van terugkeer naar vroegere weelde af te schrikken, geeft ons stadsleven ons geen ander buiten-model meer te aanschouwen, dan het potsierlijk gewaad waarin menig weeshuis zijn kroost en menig oudjesgesticht zijn besjes steekt.

De polsslag van het volksleven klopt in zijn taal. — Geen wonder dus dat ook op het taalgebied dezelfde booze démon woedt. Zeker, gemakkelijk gaat het hier niet, want een taal zit zeer diep met haar wortels in het hart des volks geklemd, maar toch, beproefd zijn de halsbrekende toeren van die onzinnige eenvormigheidszucht ook hier. Immers, al kan het geheele taalgebouw' met geen dommekracht uit zijn voegen worden gedrongen, men kan toch den verwenglans van bint en deurpost wegbranden, en het arduinen stoepplaveisel splijten doen. En dat is het wat wel ter deeg geschiedt, om, kon het maar, door een internationale taal, uit alle talen saamgebrouwen, Europa's volkstalen te doen vervangen. Veel zelfs schijnt dat streven te begunstigen. Vroeger leefde de taal schier uitsluitend in den mond des volks, en moest elk die schrijven wou, de volkstaal dus in den mond des volks beluisteren. Maar thans heeft men geen tijd meer om telkens

Sluiten