Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

had, de wensch 'in mij het levendigst werd, om nimmer het ambt te bekleeden, waartoe ik mij zoo lang had voorbereid. Andere gedachten, andere w«nschen leefden er in miji ('

n Den volgenden winter bragt ik meest door in den sohrijnwerkerswinbel, alwaar ik mij oefende in de kunst, om op de draaibank allerlei werk te vervaardigen en zulke meubelen te maken als het oogenblik vereischte. Spoedig bragt ik het ook hierin tot eenige vaardigheid, en was van nieuws gelukkig'onder deze arbeidende klasse.

ii Maar de drijver' ontbrak niet. Mijn vader, wijzer dan ik, vorderde van mij naar een ambt te dingen. Ik deed!' het, mij zeiven overwinnende. En de eerste en eenige • schrede, die ik ooit om eenige betrekking deed, gelnkte mij: ik werd Predikant te Hemmen. Dat gebeurde een jaar, nadat ik de akadcmie verlaten had; een jaar nadat ik in eene gausch andere wereld overgebragt was; een jaar, nadat ik de theoretische wijsbegeerte en de leerstellige Godgeleerdheid had laten varen, en ik, hetgeen wel niemand toen wist en ook niet behotfde te weten, een praktisch werkman geworden was, zoowel den landelijken als handwerkersarbeid in de beoefening kennende.

h Want in beide deze vakken waren mijne vorderingen snel en gemakkelijk geweest, daar ik in het eerste, als op het land geboren en opgevoed, van der jeugd aan veel gelegenheid gehad had om kennis op te doen, en het andere mij door den jeugdigen omgang , met een bijna' doofstommen broeder, die ten- naasten bij van mijne jaren, en als schrijnwerker zijn brood verdiende, niet vreemd koude zijn, en mij dus ligtelijk gemeenzaam werd.

n Maar genoeg daarvan. Geheel anders bevond ik mij, door alles wat er met mij was voorgevallen, in den

Sluiten