Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nahum.

1: 2. Beu ijvrig God, de wrake is des Heeren,

8. Lankmoedig? Ja, doch vrees'kjk groot van kracht, 2 : 8. God wil U dit, o Ninevé-, nog leeren, 1: 1. Dit blijkt op nieuw, daar 't Nahum tot U bragt.

Habaktjk. •«! 2 : 4. De regtvaardige zal door 't gfelóove leven, 10. d'Onregtvaardigen, blijven God wederstreven, 8. Zoo d' Heere dan vertoeft, mijn ziel wacht met geduld, 1: 1. Zoo is de last aan U, door Habakuk vervuld.

Zaphanja. . 1 : 1. Zaphanja spreekt met klem, Zij hoortnietnaar destem, 3: 2. Zij neemt de tucht niet aan „Zoo zullen zij vergaan," 2: l. Doorzoekt U zei ven naauw» Want God ?Godis getrouw, 1 : 1. Ja doorzoekt naauw mijn volk, Hoort Gods getrouwen tolk.

Hagaï.

1 : 1. Hagaï de Profeet, moest 's Heeren woorden spreken,

4-14. Mijn Tempel hgt verwoest, Zon U mijn geest ontbreken,

2 : 5. Wees sterk en werkt, Zegt de Heere, der Heerscharen,

4. Zijn eerste heerlijkheid, zal 't dan weer openbaren.

Zachama.

1 : 17. God zal TJ nog verkiezen, O stad Jeruzalem,

14. Zijn ijver is aan 't blaken, hoort Zacharia's stem, 17. Hrjk^ Sic* vertroosten, zijn naam is Lieflijkheid,

14: 20. De Heiligheid des Heeren, is overal verspreid.

Male ac hi .

3: 7. Keer weer tót Mij, 'k zal tot U wederkeeren, 1: 1. Want dit is de last, van het woord des Heere*.

„ Door Maleachi's dienst, tot Israël gerigt,

3 : 16. 't Gedenkboek Hgt open, voor 's Heeren aangezigt

4 : 4. Gedenk der Wet van Mozes mijnen knecht,

2 : 16. Want de Heere, de God Israëls, zegt:

4: 5. Eer dat dat groote Ach! Die vreeselijke dag,

„ Des Heeren komen zal //Met zijn bazuingeschal." „ Ziet ik zend ulieden, Elias den Profeet,

„Niemand zal ontvlieden, Ik zeg U zijt gereed."

Die sluiter van het Oud Verbond, Wijst ons op Christus tijd en stond.

Sluiten