Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wee wordt door den zaligmaker hier niet uitgeroepen , van vers 33 tot het einde in dit capittel? Ik denk, dat elk, die geen opzettelijk vu irnemen heeft om eene zeer klare waarheid tegen te spreken, uit deze weinige voorbeelden zien za', dat hij z>lf, die de grootste evangelieprediker is , ja de verwerver der in bet evangelie beloofde heilgoederen , nogtans op eene zeer onderscheidene wijze zijnen hoorderen predikte; en z jne apostelen zijn hem daarin gevolgd. Leest Hand. 7: 51, 512, 53, Kom. 1:18, Cap. 2: 9, 10, 2 Cor. 5: II. Als nu een onbevooroordeeld mensch de opgegevene wolke, niet van aardsche maar van hemelsche getuigen overweegt, moet hij dan niet besluiten, dat het wel verre bezijden de waarheid is, dat het eerste deel der uitwendige roeping zoude wezen eene volstrekte alg< nieene aanbieding van zaligheid in Christus, zonder de voorwaarde of beding van geloof en bekeering, zooals een naamlooze zégt. Blijkt het niet middagklaar, dat door de gezanten Gods, aan zorg- en indrukkelooze spotje ters, trotsche hoogmóedige zelfsverheffers, kortom . vija""^* den van Jezus, en zijne ware begenadigde gnnstgenootent' vanGods wege de allerontzagchelijkste oordeelen zi|n'%winj|Fkondiyd, en dan ook de bekeeriniï als een van Gótl geCTsr-We pligt voorgedragen, alsmede het geloof tan Gods getuige» ni>se's, en met onbepaalde beloften van zaligheid, aan iedèr, wie het zij, die zich bekeprt en gelooft? zoodat het besluit tol antwoord op de 6 traag dit i-: de :f^ezunten des hemels hebben ook de nnizagehclijke oordoelen Gods aangekondigd, aan ongeloovigen van al erlei staat en rang, en, ingeval van volharding de eeuwige verdoemenis. En dit is nok de leer en openbare belijdenis onzer kerk, Zondag 31 in het antwoord op de 84 vraag, het 2<,c lid, «daarentegen alle ongeloovigen, en die hen van > harten niet bekeeren, openlijk betuigd wordt, dat de stoom Gods en de eeuwige verdoemenis op hen liggen, »zoo lang als zij haar niet bekeeren, navolgende We'ke i>getuigenis des •evangeliums God beide in dit, en in •het toekomende leven, oordeelen wil."

Uit dit gêgivTrtPantvvoord wordt van zelf geboren deze

Sluiten