Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voortgevloeide, vaak hoogst willekeurige, koninklijke en andere besluiten.

Het is bekend, tot welke geschillen),en procedures vooral art. 12 van die wet, meermalen aanleiding heeft gegeven (1).

.tïAriikel 31 van het algemeen reglement voor de kerkeraden der Nederlandsche Hervormde kerk verSterkte die afhankelijkheid der diakoniën.

De Synode verzocht dan ook in haar adres, gerigt aan Z. M. om Banctie van het ontworpen diakoniereglement, de roijering van dit artikel.

Het komt er hier nu maar op aan , in hoe verre de Regering, nadat de Synode dit reeds in 1844 heeft verzocht, nog in 1851, terwijl de grondwettige vrijheid der kerkgenootschappen in het geven van kerkelijke voorschriften zonder tusschenkomst der Regering vast .staat, nog bevoegd is, eene wet voortedragen, waarbij dat regt zou worden verkracht, geajk in zijn geheel betrekkelijk het armbestuur, zoo ook wat de onderhavige punten van domicilie van onderstand en armlastigheid aangaat?

Wij zien niet, hoe, bij zulk eene voordragt, nog aan naleving der Grondwet kan worden gedacht.

't Geen we hier nu hoofdzakelijk bedoelen, ook met het oog op het domicilie van onderstand en de armlastigheid, is, dat dè Regering in de Memorie

(1) Zie, hierover, onder anderen, het lezenswaardige werkje, reeds in 1845 te Amsterdam uitgekomen, «getiteld: Vrijmoedige gedachten over het armwezen in het koningrijk der Nederlanden; bedenkingen tegen de bestaande wetgeving , en wenken ter verbétering dezer hoogst gewigtige aangelegenheid. Verg. bl. 5 volgg.

Sluiten