Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ja, hare verdrukkingen waren talrijk, — beter gezegd misschien: talloos. Ik kan, ik mag ze niet alle vermelden, en bovendien zal het uit de volgende bladzijden genoegzaam blijken. Verdrukt werd zij allereerst in haar eigen lichaam, dat, o, zoo zwak en broos was. 'tls mij soms nog onbegrijpelijk, of liever een wonder van Gods goedertierenheid, dat ze zoo oud geworden is. Menigmalen zag ik haar als aan den oever des doods, en wanneer mijn plicht mij elders riep, dan ging ik van haar met een beklemd gemoed en bijna zeker, dat ik spoedig daarna de hartverscheurende mare van haren dood zou moeten vernemen.

O, dat oogenblik, als ik haar moest verlaten! Dan konden de oogen niet droog blijven, en toch poogde ik mijne tranen in te houden, want hoor wat zij dan zeide: »Schrei niet, jongen, — dat baat niet; het doet ons beiden te veel aan. Ga gerust heen; we hebben elkander niets te vergeven en niets te verwijten." Die laatste woorden vooral waren als een zonnestraal in mijne diep geschokte ziel. En gelukkig, — ik zeg het met rechtmatigen trots, — zij sprak dé waarheid. Wij hadden werkelijk elkander niets te verwijten of te vergeven, en ik aan haar zeker in geen geval. Neen, 't was mij onmogelijk om zulk een voorbeeld van geduld, lijdzaamheid, zachtmoedigheid en godsvrucht te beleedigen of liefdeloos te bejegenen, en God alleen weet hoe menigmalen het in mijn binnenste kookte; hoe het bloed onstuimig door mijne aderen bruiste; hoe ik trilde van ingehouden' toorn, telkens, als een ander het waagde haar te beleedigen.

Helaas! Zulks was maar al te dikwijls het geval. Ook aan haar was een scherpe doorn in het vleesch gegeven, — een engel des Satans om haar met vuisten te slaan. Telkens sprong ik voor haar in de bres, maar ik kon, ik mocht zulks niet doen zooals ik het wel zou hebben gewild. Dat verbood mij de eerbied voor hem, dien de Satan, — ik geloof het zeker, — als zijn werktuig had gekozen.

De lezer gevoelt, dat ik hier op glibberig terrein kom en een zeer teêr punt aanraak. Toch mag ik het niet geheel stilzwijgend voorbijgegaan, daar mijne moeder in hare nage-

Sluiten