Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

huis bedoelde zij het Vaderhuis Daarboven, 'waar vele woningen zijn, en waar de Heere Jezus ook voor haar plaats had bereid.

Eene nadere verklaring gaf zij echter ook van deze woorden niet; zij achtte dat blijkbaar geheel overbodig, en als men haar vroeg wat zij bedoelde, dan klonk het alweder: »Wel, om drie uur ga ik naar huis!" En dat wel op een' toon, waarin als 't ware de verwonderde vraag lag opgesloten: »Hoe kun je dat nog vragen? Begrijp je dat dan niet?"

»Om drie uur ga ik naar huis!"

En het geschiedde alzoo.

De moeder hoorde haar kind den doodsnik geven, en op hetzelfde oogenblik kondigde de torenklok het derde uur in den morgen aan.

Ook onder deze levensgeschiedenis was dan nu het beslissend woord EINDE geschreven, maar dat einde van een leven vol moeite en verdriet, vol lijden en strijden, — het was het begin van een nieuw leven, — een leven in de gewesten van eeuwig licht.

»Zalig de dooden, die in den Heere sterven! Ja, zegt de Geest, opdat zij rusten van hunnen arbeid, en hunne werken volgen hen."

De 7e October had een feestdag kunnen zijn, want het was toen juist vijfendertig jaren geleden, dat het oudrenpaar door den band des huwelijks werd vereenigd. Tien jaren geleden hadden wij de vijfentwintigjarige echtvereeniging in allen eenvoud dankbaar herdacht; we hadden feest gevierd, en een

tijdperk van droefheid en smart, hef jaar 1866, was er op gevolgd.

En nu, — nu werd op den 7e October het stoffelijk overschot van een dierbaar kind, van eene veelgeliefde zuster, aan den killen schoot der aarde toevertrouwd.

Op den huwelijksdag had het voorzeker aan bloemen niet ontbroken, en bloemen waren er ook heden gestrooid op het pad, dat naar den grafkuil voerde.

Bloemen! — Als eene bloeme des velds was ook zij afgevallen en verdord. Vergankelijkheid, sterven en vergaan! — Dat predikte ook de Natuur om ons heen. Maar voor het

Sluiten