Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

domicilie niets te maken hebben, en al stelt men, dat de gemeente-besturen geene weldadigheid oefenen mogen, moet er nogthans een domicilie van onderstand zijn, omdat daar, waar thans van gemeentewegen ondersteuning plaats heeft, die niet op eenmaal kan ophouden en er dus in de eerste jaren nog behoeftigen ten laste van de gemeenten zullen zijn. Maar waar zal het domicilie gevestigd zijn? Daar waar de behoeftige tijdens het ontstaan der behoefte woont, niet waar hij tijdelijk verblijf houdt, slechts eene woning heeft betrokken, dit is, wat ook in de M. van T. daartegen geopperd zij, de beste maatstaf.

33 Jaren heeft vierjarige inwoning het domicilie van onderstand bepaald en de proef is dus genomen of die maatstaf de ware is geweest, en wat heeft die 33jarige ondervinding doen zien; dat het eene bron is geweest van onnoemelijke moeijelijkheden en verwikkelingen; reclames, nasporingen, onderzoekingen, briefwisselingen zonder einde, dat alles veel werk aanbrengt en dus kostbaar is. Wat voor moeijelijkheden het gevolg zijn van de vierjarige inwoning, als maatstaf voor het domicilie van onderstand, kan men in de dertien artt. dezer wet zien, waarin over het verhaal op besturen en over de verjaring wordt gehandeld. Grootendeels zouden zij kunnen vervallen, als de eenvoudige inwoning het domicilie van onderstand daarstelde. Welk bezwaar de vierjarige inwoning geeft, wordt duidelijk, als men zich voorstelt, hoevele behoeftige gezinnen van plaats tot plaats trekken, zonder er vier jaren te verblijven en hoe soms bij verhaal, na veel onderzoek bevonden

Sluiten