Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kiezene zonden naar een anderen regel gekozen worden.

De Commissie oordeelt haar maatregel noodig en dringt aan op spoed, ómdat alles in wanorde zou geraken, er geen Constituante 1) zijn zou, en rekent op een dag vóór dat alles gereed kan zijn. De Kerkeraden moeten helpen kiezerslijsten geven. Alles goed, maar de kleinste helft heeft geen kiezerslijsten en geen kiescollegie, omdat ze art. 23 niet aangenomen heeft. En waar zulks ook plaats vond, daar is het nog zoo gemakkelijk niet, vooral in talrijke gemeenten, om op tijd gereed te zijn. En wat dan, als de bewering opgaat dat 1 April de Administrateurs vervallen zijn ? Door den genomen maatregel zal er juist verwarring komen. Hij was niet noodig. De Kerk, met 1 April ontslagen van elke overheerschende magt, zal zelf wel optreden, heeft genoegzaam getoond de kunst van reglementeren te verstaan. Als zij maar niet te veel doet, zal alles wel en beter in orde komen. Men vreeze niet; door het nog vigerend Reglement hebben de gemeenten geleerd te administreren ; er is nergens klagt over verkeerdheid. Men zal dien regel blijven volgen en zelfstandig zal de Kerk hare eigendommen besturen.

Maar aangenomen eens dat het noodig was, dat de Algemeene Commissie zulk een stouten' greep deed, heeft zij dan den weg van wet en regt gevolgd ? Vreemd. Ze erkent zelf dat ze geen magt had, en daarom zegt zij, dat het toe-

1) Men zegt uit kracht van het slot art. 80, raag men geen ander bestuur daarstellen , of het oude behouden, want dat is verandering maken. Juist; zoo lang het Algemeen Regl. bestaat. Maar wij begrijpen niet hoe men een Reglement veranderen kan, dat door de magt die het gaf, opgeheven wordt. De Koning brengt verandering, de administratiën niet.

Sluiten