Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wijn gezegend zijn door het dankgebed en met opheffing , noodigt de Predikant de Communicanten, om eerbiedig te naderen tot het altaar (in ons land de tafel in het doophek). Terwijl de Gemeente zingt, komen eerst afzonderlijk de geestelijken, daarna de leden, de een achter den anderen, of ook paarsgewijze, knielen neder, ontvangen brood en wijn met de woorden : neemt en eet (drinkt) : dit is het ligchaam (bloed) van onzen Beer J. C., voor uwe zonden inden dood gegeven (vergoten), dat sterke (beware) u tot het eeuwige leven! Naar hunne plaatsen teruggekeerd danken zij in stilte, en zetten het gezang voort Vroeger werd de oblaat, even als bij de Roomschen, op de tong gelegd, en nog wordt de beker door den leeraar vastgehouden en aan de lippen gebragt Op soortgelijke wijze is ook de bediening in de Evangelische kerk.

Bij vele der Luthersche Gemeenten van ons vaderland is deze wijze van Avondmaalsviering afgeschaft, en scharen zich zoo vele leden als de ruimte toelaat, rondom de tafel (in enkele zitten zij aan de tafel), zoodat de vorm van bediening bijna niet van die der andere Protestanten onderscheiden is. Maar deze behoeven wij niet té beschrijven, daar zij grootendeels overeenkomt met de door ons in den genoemden brief als de Apostolische aanbevolene. Melding verdient

Sluiten