Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Geliefde Broeder!

In 1861 gaf ik mij het genoegen u, aanvang Augustus op den Langenbrück een bezoek brengende, voor te lezen eene levensschets van onzen geliefden Vader, niet lang te voren door mij ter neder geschreven.

Die schets mishaagde U niet, maar mogt veeleer uwe goedkeuring wegdragen; dit was mij des te aangenamer, daar het U bekend was, hoezeer ik steeds hei verlangen van U en anderen om zoodanig eene schets zamen te stellen, van mij wees.

Thans kom ik met deze schets tot U, tot U den geachten zoon van den beminden Vader, den vereerder en beschermer van kunsten en nuttige inrigtingen, het tegenwoordig hoofd van ons geslacht.

Ik bied U die aan op uwen zeventigsten geboortedag. Veel geeft ons die dag te herdenken, bovenal — wat dierbaar ook aan ons beiden ontviel — de zegeningen op dien langen levensweg genoten uit de milde hand van Hem, die van geslachte tot geslachte met onze vaderen was en Dien wij met de onzen willen en blijven eeren.

Sluiten