Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

V.

Want wat zoude het den mensch baten, zoo hij de geheele wereld won en zijner ziele schade leed?

Ofte wat zal een mensch geven tot los* sing van zijne ziel ?

Mare VIII: 36, 37.

Men spreekt in de tegenwoordige eeuw veel van levensvragen; al spoedig zegt men van het een of van het an-j der: wdat is eene levensvraag!" Ongetwijfeld bedoelt men daarmede vragen van het meeste belang, die in het menschelijk hart en leven ingrijpen, op welker beantwoording alles aankomt, die tot den hartader behooren. Maar is dit zoo, Mijne Lezers! dan mogen wij de vragen in den tekst voorkomende wel eene dubbele levensvraag noemen, door onsen Heer gedaan en op dezelve met al onze aandacht peinzen. Deze vraag toch werd door onzen Heer in eene hoogst gewigtige rede gedaan, — zij is van rijke beteekenis voor ons waar en eeuwig belang, — zij moet van sterken aandrang op onzer aller harten zijn. Vertoeven wij met onze overpeinzing bij dit een en ander.

De dubbele levensvraag welke Markus gelijk ook Mattheus ops hebben bewaard, werd door onzen Heer gedaan in eene hoogst gewigtige rede. In de omstandigheden des tijds leidde het toch alles tot tegenstand en gevaar. De

Sluiten