Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

jezus christus, gij kent dien gezegenden naam, is de gezondene des Vader» bij uitnemendheid. Hij is des Vaders gezant, maar ook de Verlosser en Zaligmaker van zondaren — God en mensch in één persoon, — Wien de Engelen moeten aanbidden en voor Wien eenmaal het heelal zich buigen zal.

Het woord „alzoo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn' eenig geboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk die in Hem gelooft niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe," predikt ons Gods weêrgalooze liefde jegens verloren zondaren; doch het predikt ook onze verpligting om acht te geven op het dierbaar Evangelie; want hoe zullen wij het ontvlieden, indien wij op zoo groote zaligheid geen acht nemen?"

De zaligheid ;is door God .zeiven het eerst aan onze gevallene voorouders in het Paradijs, verkondigd. Toen beloofde God hun een Verlosser, het zaad der vrouw, hetwelk de slang den kop zou vermorzelen. Dat zaad, n. 1. christus is voor 18 eeuwen op deze wereld gekomen. De apostel paulus schrijft er van aan de Galatiërs: „Maar wanneer de volheid des tijds gekomen is, heeft God Zijnen Zoon uitgezonden, geworden uit eene vrouw, geworden onder de wet; opdat Hij degenen, die onder de wet waren verlossen zou, en" opdat wij de aanneming tot kinderen verkrijgen zouden."

Vóór Zijn heengaan tot den Vader, gaf de Heere jezus aan Zijne discipelen het bevel: „Gaat 'dan henen, onderwijst alle volken, dezelve doopende in den naam des Vaders, en des Zoons,, en des Heiligen Geestes, leerende hen onderhouden, alles, wat Ik u geboden heb." Dat bevel is voor alle eeuwen, ja, tot aan de voleinding der wereld van kracht en daarom moet de Christelijke kerk zich met het onderwijzen der Heidensche volken gedurig bezighouden, en wel met getrouwheid, ijver en liefde, naar Gods woord.

Heb dus de Zendingszaak lief; draagt ze op uw hart en strijdt veel in den gebede, gij allen die jezus lief hebt; want zij, die waarlijk den Heiland toebehooren, waarderen Zijn gebod. Een ieder zij tevens een Zendeling, al is het slechts in het klein, in zijn huis onder de zijnen, of waar het dan ook wezen moge. Het winnen van zielen voor koning jezus is nergens verboden; alleen moeten, in Gods gemeente, alle dingen eerlijk en met orde geschieden.

Is het eene ontegensprekelijke waarheid dat het God is, die zondaren zalig maakt; nogtans leert dé H. Schrift ons ook dat God menschen gebruikt om arbeiders te zijn, in Zijn koningrijk, hoewel Hij ze niet noodig heeft. Hij had Engelen kunnen zenden

Sluiten