Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Indien liy voor den godsdienst een weldoener was, bewees Van Graesen als buif^meêster niet minder diensten aen zyne slad en wydde aen het schryven harer geschiedenis al den tyd, Welken zyne bezigheden hem overlieten.

Hy schreef een werk getiteld : « Gedenckwaerdighe' Memorie getrocken uyt verscheyde geloof gevende alloude ende autentique schriften uit de rekeninghen ende choïren der stadt ende prochie kercke van Lier tot een altyt duerende gedachtens. »

« Den auteur dezer chronycke is geweest joncker Richardus Van Graesen schepenen ende Borgemeester der stadt van Lyer en welke gestorven is aldaer in 't jaer 1621. »

Van dit werk, dat nooit gedrukt werd, bestaen een groot getal afschriften, waervan ons een, met de grootste welwillendheid door den heer L. V. D. L. van Lier, werd medegedeeld.

Dit werk van Richardus van Graesen verdient het grootste vertrouwen. Het ambt van burgemeester, dal hy bekleedde, gaf hem eene gemakkelykheid van onderzoeking die dikwyls aen anderen ontbreekt, terwyl die hoedanigheid voor zyn onpartydig en verlicht oordeel bewyst; ook is het die chronycke die aen byna al de geschiedschryvers van Lier tot leiddraed heeft gediend.

Voor de gebeurtenissen van 1580 byzonder, moeten zyne beweringen als onwcderlegbare waerhedcn aengcnomen worden; want indien hy er geen ooggetuige is van geweest, is het ten minste als tydgenoot dat hy ze beschryft.

Zie hier nu hoe hy spreekt:

« Anno 1580. Den 10 april des nachts is binnen Lyer geco» men den borgeméesler van Antwerpen geaccompagneert met » 400 oft 500 mannen de welcke de kercke van Sl. Gomniaer » omcingelde ende die met geweld opengebroken hebben ende » geplundert en gespolieert, de beeldenafwerpende en ver» brandende; durende dit sacrilegie al soo ses oft zeven daeghen » nemende al de ornamenten ende ciraten die sy tot spot achter » straeten droqghen, spolierende alle de cloosters ende oock » het bpgynhoff. Den 15 april wert van de ministers in de » groote kerek gepreekt. »

Sluiten