Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gemaakt, en het vertrouwen schenden, dat in haar was gesteld; zij had, terwijl zij zoo angstvallig en bloode was tegenover de menschen, zeer groote stoutheid moeten betoonen tegenover een heilig God; in het kleinachten van verantwoordelijkheden en verpligtingen, waarmede Hij haar had hekleed. Kortom, zij had haren koning en haar hoofd de schuldige gehoorzaamheid moeten weigeren.

In weêrwil van onzen wensch, om hen, die de waarheden welke hier op het spel staan, niet inzien (waaronder zich overigens sommige onzer beste vrienden bevinden) met liefde te beoordeelen, zouden wij de Vrije Schotsche Kerk (die ze wèl inziet) niet van boven vermelde zware beschuldigingen kunnen vrijpleiten , wanneer zij anders had gehandeld dan zij deed.

Het eenige dat haar overbleef was, bij de wetgevende magt aan te dringen op het uitvaardigen eener wet in overeenkomst met de oude constitutie en met het Woord van God, en — wanneer dit zonder uitwerking bleef— zich te scheiden van den Staat, (hetgeen overigens niet is zich te scheiden van de Kerk) daar zij geenè benoeming kon aannemen op voorwaarden, thans voor de eerste maal sedert de dagen der vervolging gesteld. Genoemde poging werd gedaan, doch vruchteloos , en de Kerk besloot derhalve hare betrekking met den Staat te verbreken, schoon zij daarbij niets anders vóór zich zag dan eene ongebaande woestijn waar haar brood spaarzaam en haar water ongewis zou kunnen zijn. Zij vertrouwde evenwel dat de Heer, aan wien zij door deze daad gehoorzaamheid betoonde, eerder vleesch zou doen regenen uit den hemel en water zou doen ontspringen uit de steenen

Sluiten