Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de voorprediker!" Voor den akker der dooden staande, werd mij Christus gepredikt, die waarlijk mijn leven is, en zoo zal dan ook mijn sterven gewin zijn.

En nu, hoe ik onder de prediking gesteld was, toen de Evangeliedienaar die zalige verwachting van den Christen voorstelde en hoe die zalige verwachting eene onbedriegelijke verwachting is, — dat laat zich beter gevoelen dan beschrijven. En toen wij ten slotte moesten zingen: „Welzalig hij, die al zijn kracht en hulp alleen van U verwacht!" En toen de woorden: „Bij U, mijn Koning en mijn God! verwacht mijn ziel een heilrijk lot!" door het kerkgebouw ruischten, — toen maakte eene zielsvervoering zich van mij meester, alsof ik de gekroonde getuigen hunne koorzangen hoorde uitgalmen ter eere van het Lam, dat voor hen werd geslacht, — en onder hen hoorde ik ook mijne lieveling. Bij den Godsakker had ik gaarne onverwijld naar Boven willen gaan, en andermaal riep ik nu uit: „O, mijn Koning en mgn God! - breng mij uit dezen Uwen tempel in de eeuwige tabernakelen over, opdat ik lafenis vinde aan de eeuwige Bron, die. eeuwige Heilfontein!"

„Ik zal u drenken uit de beken Mijner wellusten." — Die woorden waren mij in de afgeloopen week voorgekomen; en toen de godsdienstoefening werd besloten met het zingen van Ps. 17:8: „Maar blij vooruitzicht, dat mij streelt!" — toen moest ik uit den grond mijns harten zeggen en erkennen, dat die woorden van den Heere waren geweest. Waarlijk, ik heb gisteren wel gedronken uit de beken Zijner wellusten, en ik ben dronken geweest van de vettigheid van 's Heeren huis.

Hedenmorgen mocht ik de Premie op de „Honigdroppels" voor 1887 ontvangen. Ik kon niet wachten om het boek in te zien. Met een heilbegeerig hart sloeg ik het open, en reeds van het eerste stukje, over den heer Rivet, kon ik niet afstappen, voordat ik het ten einde toe gelezen had. Dit duurde echter

Sluiten