Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar middelen deed zoeken, om de oorzaak van vroege ziekte of vroegtijdigen dood van zulke vrouwen te onderdrukken en haar het geluk van een onverbitterd bestaan te verzekeren. Juist hier, waar het geldt het behoud van het leven en van de gezondheid van reeds bestaande individuen, komt de facultatieve steriliteit, ter beperking van het kinderenaantal, in aanmerking. Want dat tegenwoordig bij ons eene hypertokie, alzoo eene bovenmatige kinderproductie bestaat, onafhankelijk van het aantal der reeds geborenen, is een feit, dat ook door de wetenschap reeds erkend is. Eindelijk voegt hij hier nog een groot aantal «verblijdende resultaten" aan toe, welke door het, in het ^Supplement" door hem nader beschreven, pessarium als voorbehoedmiddel tegen de conceptie, verkregen werden, waardoor hij in menig gezin de huwelijkszorgen deed plaats maken voor het oorspronkelijk huwelijksgeluk. Hij besluit zijn geschrift met de stelling: »waar het leven, de gezondheid en de welvaart van de moeder door verdere zwangerschap, onverschillig onder welke nevenomstandigheden deze ook inwerkt, in eenig opzicht in gevaar blijken, bet de plicht Is van den menschenvriend, de ontvangenis te verbieden, facultatieve steriliteit, alzoo gewilde kinderloosheid, aan te raden."

Uat deze aanbeveling van de artificieele steriliteit, hoofdzakelijk ter bestrijding van de groote huwelijkszorgen der lagere volksklassen — met den gloed der innigste overtuiging verkondigd —• spoedig groot opzien baarde, en van verschillende zijden aanleiding gaf tot onderzoek van dit vraagstuk, behoeft wel geen nader betoog, evenmin als dat daarbij de moraal eene groote rol speelde. Immers het oude bijbelwoord: »Zijt vruchtbaar en vermenigvuldigt U," heeft in de beschouwingen ook van de moderne maatschappij te diep wortel geschoten, om zich tegenover deze nieuwe leer, door welke aan de natuurlijke gevolgen van het matrimonieel geslachtsverkeer naar willekeur paal en perk gesteld worden, niet te kunnen doen gelden. In de eerste plaats was het de R. C. priester Capellman, die zich over Mensinga's geschrift zeer toornig uitliet, en het in het algemeen, hoogst

Sluiten