Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tal en daardoor de opbrengst is zeer geslonken sedèrt de opening der school, daar toen alle ouders, die kinderen zonden en leden der Stuiversvereeniging waren, voortaan alleen het schoolgeld betaalden en daarom verzochten van de wekelijksche bijdrage ontslagen te worden. Gelukkig bleven nog eenige ongehuwden, of die schoon gehuwd geene kinderen ter schóól zenden, overig; en hartelijk hopen wij, dat het aantal derzulken in de gemeente, die tot de Stuivers-vereeniging bijdragen, nog moge toenemen. Deze Vereeniging toch is het middel, waardoor de gemeente zelve geregeld zoo krachtigen geldelijken steun aan de Christelijke School kan geven en bovendien voor de leden tot zoo grooten zegen kan zijn, indien zij bij eiken stuiver, wekelijks afgezonderd, mogen bedenken, dat de kinderen op de Christelijke School de kinderen zijn der gansche gemeente, tot wier opvoeding deze zelve alzoo moet bijdragen. Daaruit spruit dan allicht de gedachte voort, of hetgeen men alzoo bij anderen begeert gewerkt te zien, in eigen hart door den Heiligen Geest reeds gewekt is, waarbij de Heere de belofte voegt: „Zalig zijn de barmhartigen, want hun zal barmhartigheid geschieden." En barmhartig kunnen immers alleen zijn, aan wie „de God en Vader onzes Heeren Jezus Christus, de Vader der barmhartigheden" Zich verheerlijkt heeft door hem van een „hater Gods en zijns naasten" een „kind" door wedergeboorte en bekeering te maken, dat voortaan niet anders begeert, dan zich zei ven en al wat hij heeft dien barmhartigen Hoogepriester op het altaar ook Zijner scholen te offeren.

Betreffende de jaarlijksche bijdragen mag evenzeer onder dank aan den Heere worden erkend, dat eene bijdrage van ƒ200 en eene andere van f 100 jaarlijksch zich daaronder bevindt, al zal ook in dit opzicht het penningske van de dienstbode of der weduwe voor het jaarlijksch onderhoud ons toegezegd, niet lichter geacht worden in de weegschaal van Hem, Die de harten doorgrondt en het vermogen kent.

Sluiten