Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I. Nagaan de uitwerking van de boodschap der Engelen op de herders zei ven.

Toen de Engel des Heeren zijne boodschap aan de herders volbragt had, en eene ontelbare menigte Engelen, met een hemelsch lofgezang den geboren Zaligmaker en Christus verheerlijkt hadden, en hunnen last uitgevoerd hebbende, deze aarde verlieten en terugkeerden naar hunne zalige woonplaats, waar zij altijd het aangezigt des Vaders zien, en den God der heerlijkheid nacht en dag vlekkeloos eere en aanbidding toebrengen. Nu begon het werk der herders. Die menschen, de herders, zoo staat er eigenlijk, zeiden dadelijk tot elkander: laat ons henengaan naar Bethlehem. Daar toch in de stad Davids, dat broodhuis, gelijk het woord Bethlehem beteekent, was Jezus, het ware brood des levens, uit den hemel nedergedaald, was de Christus, de Heere, geboren, en met eenen brandenden ijver en hartelijk verlangen, na dien reeds zoo lang verwachten Messias, dien ook zij, met al degenen, die de vertroosting in Israël verwachtende waren, zoo lang hadden te gemoet gezien, wekt de één den anderen op, om naar Bethlehem henen te gaan. Zij waren herders, M. V., en deze menschen, weten wij, zijn zeer gehecht aan hunne kudden en nogtans maken zij geene bezwaren dezen aan Gods bescherming over te geven, en wekken elkander op zich te haasten en te spoeden, en zich daarin door niemand of niets te laten hinderen. Zij konden in deze oogenblikken al hunne zorgen en wegen op den Heere wentelen en vertrouwen dat Hij het wèl zoude maken. Zij zijn bereid om alles te verlaten, opdat zij maar te Bethlehem mogten komen.

Voor velen onzer, M. V., is zulk eene handelwijze geene vreemde zaak, wanneer de Heere ons heilzoekenden heeft gemaakt, de heerlijkheid des Heeren ons omschenen heeft, en een woord van God zelf tot ons is gebragt, en zielsbehoeften in ons zijn opgewekt, die met den Heere alleen

Sluiten