Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in hare keuze niet zal mistasten, terwijl bovendien de ervaring geleerd heeft, dat vervolging de ketterij eerder doet toe dan afnemen. Op grond van dit alles luidt dan de conclusie, dat bedoelde woorden in de Belijdenis niet in overeenstemming zyn met Gods Woord.

Afgezien van het laatste argument over toenemen der kettern onder de verdrukking, dat meer een utiliteitsargument dan een schriftuurlijken grond vertegenwoordigt, komt het mij voor, dat de schriftuurlijke vraag nog niet geheel is opgelost, hoe belangrijk ook de argumenten zijn, die het Advies aanvoert.

In het Nieuwe Testament is geen uitdrukkelijk voorschrift gegeven. Daarom is het juist gezien, dat op het karakter van Christus' Koninkrijk de aandacht wordt gevestigd, maar daarbij moet toch ook nog gelet op de vraag, of er niet een algemeen schriftuurlijk beginsel is, dat voor het Staatsleven en de Staatstaak van beteekenis kan zijn. De vraag, die beantwoord moet worden is deze: Is het schriftuurlijk, gelijk oudtijds beweerd werd, dat de overheid niet slechts geroepen is de tweede tafel der wet te handhaven, maar ook de eerste? Als de Overheid het huwelijksrecht regelen moet, den diefstal weren, den doodslag straffen moet, den eed mag opleggen, zelfs voor onze eer en goeden naam tot op zekere hoogte waakt, is het dan niet de taak der overheid te waken voor alles wat de eere Gods raakt? Dit is een uitgesproken beginsel der vaderen, dat zij aan een algemeen Schriftbeginsel ontleenden. Van den neutralen Staat kan dit niet verwacht worden, maar de neutrale Staatsidee wordt door bet Advies verworpen. Bij de behandeling van de Schriftuurlijke vraag mochten wn verwachten,

Sluiten