Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gehoorzaamheid aan God. De menschen worden beoordeeld naar hun verhouding tot God. Goed is iemand, die gehoorzaam is aan God. Slecht is iemand, die Hem ongehoorzaam is. Zoo iemand kan God niet gebruiken, deugt niet voor Hem, heeft geen deugd.

Laat me dat met 'n voorbeeld duidelijk mogen maken.

Koning Saul wordt verworpen. Waarom? Omdat hij te Gilgal zelf offert zonder te wachten op Samuel (i Samuel 13 : 1—15). En hij heeft dat gedaan, nadat hij zeven dagen tevergeefs op Samuel had gewacht. Samuel is, hoewel hij 't heeft beloofd, op den vastgestelden tijd niet verschenen. Saul brengt nu ztlf 't brandoffer, want 't volk wordt ongeduldig en gaat zich verstrooien. Immers zonder brandoffer durft 't niet optrekken tegen de Fhilistijnen, die te Michmas zijn gelegerd. Wij zouden zoo zeggen, dat de schuld hier niet bij Saul, maar bij Samuel ligt, die had moeten zorgen op tijd aanwezig te zijn. Toch wordt Saul verworpen. „Gij hebt zottelijk gedaan, gij hebt het gebod van den Heer, uwen God, niet gehouden, dat Hij u geboden heeft", zoo lezen we in vers 13. Hier hebben we 't dus weer: Saul heeft, menschelijk beschouwd, goed en verstandig gehandeld, maar toch was z'n daad afkeurenswaardig, wijl zij was ongehoorzaamheid jegens God. Nu meene men niet, dat Saul om deze ééne daad wordt verworpen, maar door de vermelding van deze ééne daad wordt Saul getypeerd: zóó was hij: wanneer hem de dingen niet naar den zin gingen, greep hij zelf in, zonder naar God te vragen. Zulke menschen kon God niet gebruiken. Daarom werd hij verworpen.

Een bewijs, hoe voorzichtig we moeten zijn met 't beoordeelen van de hoofdpersonen der bijbelsche geschiedenis naar onzen zedelijken maatstaf, levert 't bekende verhaal van Jacob (Gen. 27 : 1—46), die zich op aanraden van z'n moeder Rebecca bij z'n blinden vader Izak als Ezau voordoet om zich zóó van den eerstgeboortezegen meester te maken. Algemeen wordt bij 't vertellen van deze geschiedenis 't bedrog van Jacob met schrille kleuren geschetst. Jacob is dan 'n snoode bedrieger en de kinderen worden gewaarschuwd om toch nooit hun ouders te bedriegen of in 't algemeen te jokken. Ze moeten steeds aan Jacob 'n afschrikwekkend . voorbeeld nemen.

Edoch, met dat al is men vlak naast 't verhaal gebleven 1

Sluiten