Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dezelfde richting werkt ook de openheid voor anderer godsdienstigheid. In het algemeen wordt zo het eigen bezit gerelativeerd. Men is overtuigd van de betrekkelijkheid van eigen waarheidsbezit, men gelooft ook waarheid bij anderen aanwezig, men gevoelt zich steeds zoeker. Men komt daardoor ook moeilijk tot een definitieve formulering, zal dus niet gemakkelijk zeggen, dat men de waarheid heeft, en derhalve ook niet dat men de ware kerk vormt waarbuiten geen heil is. Dit brengt mee, dat men tegenover andersgelovigen verdraagzaam is en daardoor licht het slachtoffer wordt van anderer onverdraagzaamheid, die men niet begrijpt. Als vanzelf bekoelt dan de liefde voor een kerk, waarin zoiets mogelijk is. — In het algemeen stelt men de liefde hoger dan het geloof, het bezit van de waarheid. Merkt men uit de richtingstrijd en uit de houding van de kerk tegenover de wereld, dat het in de kerk aan liefde ontbreekt, dan wendt men zich teleurgesteld van haar af. — Ten slotte heeft men zich uit afkeer van een kerkse rechtzinnigheid vaak van de kerk. zelf afgewend.

Er zouden wellicht meer trekken nog te noemen zijn, die hét kerkelijk besef bij de Vrijzinnig Protestanten belemmeren, ik meen echter genoeg aangewezen te hebben om het verschijnsel énigszins te verklaren. Op begrijpen komt het hier immers aan, niet op afgeven op de onkerkse Vrijzinnigen, of dit dan door vijanden of door vrienden gebeurt. Slechts zo alleen kan men trachten verandering aan te brengen en zal men dat doen zonder overdreven verwachtingen. Hiermee is niet gezegd, dat dergelijke trekken als ik in het Vrijzinnig Protestantisme aanwees, ook niet elders in christelijke kring aan te tonen zijn. Het tegendeel is het geval, ook rechtzinnige christenen vertonen, soms in sterke mate, de trekken van de „moderne mens". Dan zal echter de waardering voor de kerk en het ker-

Sluiten