is toegevoegd aan uw favorieten.

De Nederlandsche Hervormde Kerk van den tegenwoordigen tijd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

partij, bij welke de vorm van zoo groote beteekenis is, de partijgenooten met den Calvinistischen vorm tevreden zijn, maar in hunne handelingen toonen, dat de geest 'van Calvijn hun vreemd is. Over het algemeen valt bij de meeste vruchten van het optreden van Dr. Kuyper dit te betreuren, dat het innerlijke aan het uiterlijke niet beantwoordt, dat de woorden zeer schoon zijn, maar dat de zaten achterblijven, dat men zichzelven en anderen zeer veel belooft en toch maar in staat is om zeer weinig te volbrengen, dat men de tegenstanders hoont en belachelijk maakt, zelf echter het niet beter kan maken. Hoe zou het ook anders mogelijk zijn! De wijsheid, die van boven is (Jac. 3:17), heeft geheel andere kenteekenen.')

HOOFDSTUK VI.

Terwijl Dr. Kuyper in 1873 zijne kerkelijke idealen blootgelegd heeft, was toch ïd de eerste jaren na 1876 het gevolg daarvan van geringe beteekenis. Pas nadat Dr. Kuyper in 1878, naar Amsterdam teruggekeerd zijnde, de «Heraut* in de plaats van het Zondagsblad van de «Standaard" gesteld had, begon hij den strijd op eene andere wijze te voeren. De wet op het hooger onderwijs van het jaar 1876 was in Sept. 1877 in werking getreden en dientengevolge werd het onderwijs in de dogmatiek en de praktische theologie niet langer aan de staatsprofessoren, maar aan door de Kerk benoemde professoren opgedragen. De theologen, die in 1878

*) Dat Dr. Kleyn, die in deze weinige regelen zoo scherpe kritiek uitoefent op het verschijnsel, dat men »Kuyperianisme" heeft genoemd, ook een oog had voor de lichtere zijde van Dr. Kuypers schrijven en werken, waarvan de teekening in eené volledige biographie van Dr. Kuyper niet zou kunnen en mogen ontbreken, blijkt bv. uit de noot op bl. 323 van zijn Algemeene Kerk en Plaatselijke Gemeente.

(Noot v. d. V.)