Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te gillen : „ Och, of ik dat woord nog als een woord van genade in handen hadde ! Och, of ik nog eens nederzat onder diezelfde gewelven, waarlangs zoo dikwijls de roepstem der liefde in het aanbod der behoudenis klonk! Och, of nog eens de ure voor mig terugkeerde, waarin de scheidende leeraar en vriend mij toeriep: Om uwer zielen wil, verliest niet wat gij gearbeid hebt!" Maar dan het woord te hooren: „ Te laat! Het woord der barmhartigheid is verzegeld ; de deur der genade is gesloten; de zon van den dag der genade is gedaald; het is nacht en zal eeuwig nacht zijn!" Welk een oordeel I En dat oordeel, zou dit het lot, ik zeg niet van mijnen evenmensch, vleesch van mijn vleesch, been van mijn been, maar ik zeg: zou het ten deele het lot zijn van die Gemeente, die ik heb lief gehad als mijn eigen ziele ? het lot misschien van sommigen , wier oog nu nog naar mij opziet, wier hart nu onder mijn woord klopt, en wier oor nu nog vervuld is van de klank van dat woord der genade: Laat u met God verzoenen ! — Geliefden! indien die gedachte mij met siddering treft, hoeveel te meer moet zij u bewegen. Ziet dan toe , waarheen gij gaat, eer het te laat is. „ Och ! of de ure van vermaning , uit den mond der scheidende liefde, nog eens voor mij terugkeerde!" .... Maar die ure is nu nog daar. Hier ligt het nog voor u, het dierbaar vredewoord uwes Godsv! Hier klinkt zij nog langs de geweivan , en in uw oor, de roepstem der ontferming en genade ! Hier hoort gij die stem nog uit den mond van uwen scheidenden vriend! Uit zijn mond hoort gij haar welligt voor het laatst. O, dat dan'die stemme van zijne lippen, u zij als de sfem van een stervenden vader tot zijne zonen, die, als een laatste slotgalm op al de goede woorden vroeger tot hen gesproken, hen vermaant en bidt: „ Bij alles wat u dierbaar is, bij mijne liefde, maar vooral

Sluiten