Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geene rigting heeft en nog in het algemeene voortzweeft. Ten bewijze laten wij de woorden van rilling, huivering en vreesselijke ketterijen vervangen door meer bedaarde termen en geven de bepaling, die de Referent aan zijne hedendaagsche theologie geeft, op volgende wijze terug. De tegenwoordige rigting der theologie is niet meer zoo vijandig aan de leer van socwvs of armiitos als eertijds. De theologie onzer dagen schroomt dus niet meer, dank hebbe een vrij en wetenschappelijk onderzoek, voor beginselen als van socmos en arminiüs, die onze geloovige vaderen niet alleen verwierpen maar ook vreesden. De schriftverklaring der hedendaagsche theologie geeft dus vrijheid aan de ontwikkeling zelfs van de meest uiteenloopende beginselen van godgeleerdheid en godsdienstig geloof en bijgevolg ook van prediking. Christendom toch en Socinianisme zijn door eene ondempbare klove gescheiden. Wij meenen dat deze omschrijving den zin der regelen van den Referent wedergeeft, en wij laten de gevolgtrekking hieruit voor de zedelijke waarde zijner theologie en van de theologen, die haar zijn toegedaan voor zijne rekening. Te minder maken wij hier gevolgtrekkingen, omdat die in de eerste plaats op hem zouden toe te passen zijn. Wanneer wij toch zijne betuiging : «wij wfflen volstrekt niet zoo ongunstig »over de theologische rigting van da costa oordeelen als hij »zulks doet over eene andere» vereenigt met de regels van bladz. 88 (Tijdsp. 1846), die wij boven reeds aanhaalden, waar wij lezen in betrekking op de rigting van da costa: «men moet niet blijven vasthouden aan leerbe»grippen en bepalingen, die geenszins het wezen des »christendoms uitmaken , ja , niet eens datselve betreffen ,» dan moeten wij onzen Referent gulhartig bekennen, dat hij van algemeene rigting, waarvan wij in den aanvang de

Sluiten