Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

landen weer moge aangrijpen, om te vragen: wateischt de Heere? En dan is het antwoord niet verre, ziet, nabij u is het woord, in uw mond, in uw hart: „Hij heeft u bekend gemaakt, o mensch! wat goed is: en wat eischt de Heere van u, dan recht te doen, en weldadigheid lief te hebben, en ootmoediglijk te wandelen met uwen God!" (Micha 6: 8). Het 22" Hoofdstuk van de Profetieën van Jeremia, kan ons ook in deze dagen zooveel leeren!

„Toch meene niemand, dat we dit doen, als ware we door deze voor* rede gekrenkt.

In het allerminste niet.

Eer heeft de heer Ds. Lütge ons een alleruitnemenden dienst bewezen, door eindelijk deze denkbeelden eens publiek te formuleeren."

Wij vragen: zou het mogelijk zijn, dat de heer K. zich niet gekrenkt gevoelde, toen hij dat scherpe „zonder verstand" las? Waarom dan een „acte van beschuldiging" opgesteld van vijf artikelen, (waar men eigenlijk met drie volstaan kon), en waarom dan in elk artikel dat „ijveren zonder verstand" op den voorgrond gezet? Dit ijveren enz. heeft den heer K. toch gehinderd! want, lezer, lees nog eens met aandacht het eerste artikel in de Heraut van den 6en Jan. 11. na, en ge zult tot het besef komen, dat, na al wat er voorafgegaan is, het niet aanging te zeggen: „Wij zijn niet gekrenkt, maar 'twas ons lief!"

Dat er een zekere „Schadefreude" geweest is, nu eens de „neo-Kohlbrüggianen" (!) aan te kunnen vatten, — dat verstaan we o zoo goed! „Zoo nimmer vat op hen te hebben"! Zoo te weten „dat een deel onzer broederen (!) ongezonde en onhoudbare denkbeelden was toegedaan" — en nu op eenmaal deze voorrede! — zie, dit alles was een te schoone gelegenheid, om niet tegen deze eenvoudige lieden op te komen! „Al noemt de heer L. geen namen, al wijst hij ons niet precies aan, toch moet hij ons bedoeld hebben; want wij ijveren voor kerkherstel, en anders is er niemand, die naar „reformatie van onzen kerkstaat" snakt!"

Zonderlinge redeneering! En toch, we gevoelen het, zóo moet er overlegd zijn.

Men zou denken, dat de heer L. een ketter ware, die verderfelijke leerstellingen verkondigt. Maar wat verkondigt hij ?

Sluiten