Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

veracht en de tweede niet bij machte is ze uit te oefenen, zoodat beide ze den Joden overlaten. Uit Rusland worden de Joden verdreven, in Denemarken hier en daar, in Zweden en Noorwegen heelemaal niet geduld. Al deze opvattingen die nog zoo duide^k den stempel der donkere eeuwen dragen, waarin zij zijn ontstaan, zijn de beschaving van onzen tijd (1781) onwaardig en behoorden reeds lang te zijn opgegeven. In onze stevig gevestigde staten moet iedere burger welkom zijn die aan 's lands wetten zich onderwerpt en door zijn vlijt den rijkdom van het geheel vermeerdert. Alleen de misdadigers behooren het burgerschap onwaardig te ziJ*n (V). „Best mogelijk dat menige fout, den Joden eigen, zoo diep geworteld is dat zij eerst in het derde of vierde geslacht geheel verdwijnt, maar dit is geen reden om niet bij het tegenwoordige geslacht de hervorming te beginnen, omdat zonder dit begin, het verbeterde geslacht onmogelijk verschijnen kan" (VI). Zij toonen noch rusteloosheid, noch onverschilligheid, verschijnselen waarmede men bij toepassing der humane politiek tegenover Zigeuners en kolonisten steeds te kampen heeft. „De Joden in iederen Staat zijn reeds meer ingeburgerd dan vreemdelingen het eerst na geruimen tijd plegen te zijn. Zij kennen geen ander vaderland, dan hetwelk zij thans verwerven en verlangen niet naar een ver tehuis" (VII). Worden zij in gewichtige openbare betrekkingen aangesteld, men is schier altijd over hun ijver en verstand voldaan. Hun succes in handel en industrie is bekend en zeer vaak is door hunne benijders aan bedrog toegeschreven, wat alleen het gevolg was van hun scherpen blik en noesten vlijt (VIU). Het zedelijk karakter der Joden is als dat van alle menschen evenzeer voor de hoogste ontwikkeling als de ongelukkigste verwildering vatbaar. Houden zij aan hunne religieuse wetten en gebruiken vast, het is hun heilig recht en dient onvoorwaardelijk geëerbiedigd. „Reeds alleen deze aanhankelijkheid aan het geloof hunner vaderen geeft aan het karakter der Joden een vastigheid, die ook in het algemeen voor de vorming van hunne zedelijkheid een gunstige factor is. De strenge naleving van vele lastige plichten en gebruiken voedt weliswaar aan den eenen kant een zekere geest-der-kleinigheden, maakt, dat zij aan de vervulling van ceremoniën overdreven waarde hechten enz. maar houdt hen daarentegen van menig vergrijp terug en is in het algemeen eene leerschool voor nauwe plichtsbetrachting" (IX).

Na lof toegebracht te hebben aan der Joden zin voor huiselijk

Sluiten