Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wij staan hier een oogenblik stil en vragen met allen ernst: zijn de strijdenden op godsdienstig gebied het daarover eens of niet, dat Christus het is, aan wien de menschheid haar vernieuwd geestes-leven dankt en in eeuwigheid danken zal? "Vraagt het allen, die door de zoogenaamd geloovigen aan de uiterste lin^ kerzijde onder de godgeleerden geplaatst worden, wat hun gevoelen is omtrent de beteekenis van Christus in de geschiedenis der wereld en gij zult het hooren, dat ze, ja! eene zeer vrije'stelling met betrekking tot de oudste oirkonden der Christelijke godsdienst hebben ingenomen, maar dat zij met geene mindere warmte en ingenomenheid de waarheid verdedigen van het woord: de zaligheid is in geenen andere! 't Is waar, daar wordt ook over Christus en zijn werk hevig gestreden en wij wenschen allerminst gerekend te worden onder hen, die daar roepen: vrede, vrede! en er is geen vrede! Evenmin achten wij 't onverschillig, welk antwoord er gegeven wordt op de vraag: «wat dunkt u van den Christus?" zoo min voor het kerkelijke leven, als voor de kerkelijke wetenschap. En toch komt het ons voor, dat de strijd hoofdzakelijk gevoerd wordt over de gevolgtrekkingen, die men in verschillende tijdperken der Christelijke kerk, met opzigt tot den metaphysisehen aard van den persoon des Heeren, heeft afgeleid uit den wereld-bewegenden invloed, dien de verschijning van Christus heeft uitgeoefend. Reeds vroegtijdig heeft het denkend verstand zulke slotsommen vastgesteld. Er waren er die meenden, dat bij de wording van zoodanigen persoon, die zulk eene omkèéring zou bewerken, andere krachten in het spel moesten zijn geweest, dan die bij de wording

Sluiten