Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het volk stelt, maar spreken we alleen uit, dat er naar Gods bestel een het volk regeerende en naar buiten vertegenwoordigende overheid zijn zal. Die overheid moet er zijn, eer de volken uiteengaan, omdat zonder overheid een nevens elkaar staan der volken niet denkbaar is. Immers het samen staan onder één overheid valt volstrekt niet per se samen met het één zijn in afstamming, die twee kunnen elkander kruisen en bij botsing beslist, we zien het nog alle dagen, niet het feit, van wien stam ik, maar onder wien sta ik. Is het optreden der overheid de bestaansvoorwaarde voor het opkomen der volkeren, het hebben van één overheid is zeker niet alleen praktisch, maar ook naar Gods Woord één der dingen, die ons leert, welke groep van menschen we voor één natie hebben te houden, ook al kent de geschiedenis tal van naties, die jaren lagen gebukt onder vreemde heerschappij.

Na den zondvloed valt ook de Babylonische spraakverwarring, waarop we wel bijzonder hebben te letten en die o.i. steun geeft aan de zoo straks terloops neer geschreven -bewering, dat pas door de zonde volk naast volk is komen te staan.

En de gansche aarde, zoo vertelt het boek Genesis sober, was van eenerlei spraak en eenerlei woorden. Waarom kon dat zoo niet blijven, waarom moesten de volken ontstaan ? Er is bij de torenbouwers één vrees: zij willen niet over de gansche aarde worden verstrooid. Daar was een drang tot verspreiding en zij willen dien tegengaan. Blijkbaar bestond er dus geen diepgaand verschil van meening, geen twist en tweedracht, want dan zouden ze vanzelf elkander hebben vermeden. Zij gevoelden zich één en zij moesten uiteen. Duidelijk brandt het gebod Gods om zich over de aarde te verspreiden hun in de ziel en trachten ze het te weerstaan. Wij gelooven niet te ver te gaan, als we zeggen, dat daarom de Heere den mensch over de geheele aarde wilde verspreiden, opdat 's Heeren heerlijkheid in Zijn schepsel openbaar zou worden. Eerst door het wonen in verschillende streken, onder verschillend klimaat, bij verschillende omstandigheden komt de rijkdom aan het licht, dien de Heere in den naar Zijn beeld geschapen mensch had gelegd. Vóór de zonde had die kunnen uitschitteren in één volk, patriarchaal bestuurd, levend in rechtstreeksche gemeenschap met God. Na

Sluiten