Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der Friezen benoemd, het eerst ingevoerd. De zegepraal van het Christendom was echter eerst verzekerd na den zendingsarbeid van den H. Bonifacius. Van dien tijd af was het Bisdom van Utrecht onafhankelijk; het wist zich staande te houden tegen de aanmatigingen der aartsbisschoppen van Keulen, die het met hun dioecese wilden vereenigen. De bisschoppen werden, zooals toen overal, benoemd door de geestelijkheid en het volk, althans de aanzienlijksten des volks, en vóór Gregorius VII (XI eeuw) was er geen sprake van pauselijke goedkeuring. Het gevoel van onafhankelijkheid van Rome, bij de volkomene'erkenning van primaatschap vindt men reeds vroegtijdig in het Bisdom van Utrecht.

Bisschop Willem van Utrecht trok partij voor Keizer» Hendrik IV tegen Gregorius VH. Toen de strijd over de investituur geëindigd was, deden de Duitsche Keizers afstand van hun recht, dal zij te Utrecht en elders hadden uitgeoefend, om zelf met staf en ring de bisschoppen in hun ambt te bevestigen, en sedert dien tijd werd de benoeming verricht door de canonieke kapittels. Men gaf eenvoudig kennis van de verkiezing aan Rome. Spoedig echter begon men de pauselijke goedkeuring te verlangen en eindelijk deze noodig te achten. Vele bisschoppen echter beweerden, dat zij, evenals hun voorgangers daar buiten konden en deden het zonder.

Overigens is de geschiedenis van het Bisdom van Utrecht niet stichtehjker dan die van de meeste bisdommen in de middeleeuwen. Het bisdom was een soort van theocratie

Sluiten