Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

men, door welke men nu dien geheelen veldarbeid op de zwarten overbragt, die vroeger door Europeërs gedreven werd en ook verder door Europeesche volksplanters , of hunne nakome lingen zou zijn op zich genomen, en ongetwijfeld, bij een nijver rolk als het onze, rijke vruchten zou hebben gegeven. 1)

') „De mogelijkheid van den arbeid der blanken onder de tropen is zoo dikwerf zelfs door de onvoorzigtige begunstigers der kolonisten (die daardoor gestijfd werden in het gebruik der negers) ontkend, dat zij onder ons problematisch geworden is. Indien men er bij bleef, dat men zeide, dat zulks een moeijelijke taak was en veel waagde, zouden wij de eersten zijn, om dat toe te stemmen, maar eene verklaring, dat hierbij eene physieke, volstrekte onmogelijkheid in het spel komt, kan niet anders toegaan, dan daardoor, dat men daarbij het oog sluit voor de evidentie. Het ras der blanken is begaafd met eene énergie, welke zijne krachten evenredig maakt aan al dc vermoeienissen en al dc gevaren. Zijne geschiktheid voor de tropische culturen is bewezen door dc historie, bij ontelbare getuigenissen, ook in den tegenwoordigen staat van verschillende landen. De zwaarste arbeid van den landbouw, de eerste ontginningen, zijn die niet overal gedaan door Europeanen in bijna alle landen waar suiker wordt voortgebragt ? Het w=rk der kolonisatie is begonnen op Jamaica, op Trinidad, en Honduras door de Spanjaarden, op Tabago, in Suriname, aan de Kaap de Goede Hoop door de Hollanders. De Engelschen bragten Barbados, Antigoa, Montserrat in bouw, en de Emigranten boden zich in zoo groot getal aan, dat in 1715 meer dan 6000 werklieden naar dit laatste eiland scheep gingen. Guadaloupe, Martinique, s'Lucie, s'Vineent, Grenada, Mauritins, Cayenne enz. zijn ontgonnen door de Fransche kolonisten. Wat Fransch Guyana aangaat merken wij op, dat de invoering van het Afrikaansch ras gevolgd is na de eerste werkzaamheden. 14 zwarten, bij toeval op zee gevangen genomen, werden voor de culturen het eerst gebezigd. Het motief, dat de Gouvernementen van Europa er toe bepaalde, om de Europeanen doo'r de negers te doen vervangen, was gelegen in de vrees om de bevolkingen der groote steden te verzwakken, door het talrijk wegzenden van arbeidslieden; de reeds gevestigde planters traden in dien maatregel, omdat zij daarbij hunne rekening vonden; maar toenmaals kwam er bij |niemand eenige twijfel op omtrent de geschiktheid van blanken tot de werkzaamheden , welke men thans tot het uitsluitend deel der zwarten maakt." En nu eenige proeven :

„In 1764 vernam de Generaal Estaing, dat Duitschers en Lotharinger arbeiders, naar s' Domingo geroepen, om er eene stad te grondvesten, daar opeengehoopt waren, zonder voorzorg, te midden van door moerassen besmette ^treken. Hij haastte zich om dat onder het toezigt te brengen van een kundig en energiek man, Daniël L«scallier, later bevelhebber in Guiène. Twee jaren daarna waren de digte bosschen en moerassen verdwenen, en de blanken ten getale van 4000, zagen zich gevestigd in eene gezonde stad [Le Mole s' Nicolas) waar elke familie haar huis en bouwgrond bezat. Een weinig later op heizelfde eiland, werd het blanke garnizoen gebezigd om het fort Port au Prince te bouwen en een heerbaan te leggen van 50 zeemijlen dwars door moerassen, waarbij zij ook bergen moesten doorgraven. „Maar" zegt gij „daar zullen wel soldaten bij omgekomen zijn." Gij dwaalt. Er is daar maar een enkele gestorven, en dat wel, omdat de ontploffing eener mijn

Sluiten