Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AV/'i kennen allen het befaamde woord: „wanneer mij de ™ keuze gelaten werd tusschen het zoeken naar de waarheid en het vinden van de waarheid, ik zou zonder aarzelen het eerste kiezen." In de 19de eeuw en de eerste decenniën der 20ste is deze uitspraak ten luidste gevierd; zij werd het levensmotto van talloozen, die in haar de heroïek der wetenschapsbeoefening, van het eerbiedig, geduldig, verantwoordelijk onderzoek onder woorden gebracht achtten. Hoor ik goed, dan is het in onze dagen aanmerkelijk stiller geworden rondom deze verzekering. Volkomen begrijpelijk in een tijd, zoo hartstochtelijk agressief, zoo vervuld van 'n afkeer van problemitis, die allengs tot haat tegen alle problematiek verhevigde, zoo uitsluitend oordeelend naar pragmatischen maatstaf. Het is werkelijk geen winst, wanneer ons geslacht weinig behouden heeft van 't diepe ontzag, dat de besten eener vorige generatie tegenover de stille, onopzichtige, onbaatzuchtige bouwers aan den tempel der wetenschap gevangen hield. Men zou er ook met recht op kunnen wijzen, dat bij deze meer waarachtige liefde voor de waarheid te vinden was dan bij een jeugd, die in honger naar vitaliteit de eerste de beste „oplossing" aangrijpt, welke een hanteerbare werkmethode belooft, zonder zich veel om haar geloofsbrieven te bekommeren. Toch klinkt er bij dit alles een toon mee, die tot luisteren dringt: er groeit iets van een besef, dat het in den grond niet zakelijk en ernstig is, wanneer ons zoeken naar de waarheid niet door het verlangen naar het vinden wordt beheerscht; dat de mensch, door dit verlangen aangegrepen, zich niet tevreden mag stellen met een sportief geestesspel, van hoe nobele allure dit ook zijn moge.

Ik dacht aan dezen omslag in onze geestelijke conjunctuur, toen ik ons onderwerp in de gegeven formuleering onder het oog zag. „Een goedkoope oplossing", de term ligt ons in den mond bestorven als samenvatting van onze minachting voor veel, wat ons luidruchtig en opdringerig op de levensmarkt als antwoord op de vraag naar den zin en het doel van ons bestaan wordt aangeboden; uit ieder typisch studentengesprek klinkt hij op. Maar hebben deze woorden eigenlijk wel iets aan elkander te zeggen? Spreekt er niet een hang naar romantiek, een stellige on-zakelijkheid mee, wanneer wij een oplossing gaan beoordeelen naar den prijs, die er voor werd betaald, in

Sluiten