Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wordende ontwikkeling in dien tijd geboren was, als iets voor alle eeuwigheid afgeslotens vasthouden." Zie ook blz. 338.

165) »Het zijn de slechte Christenen, die door hunnen wandel steenen vóór de kerkdeur leggen, zoodat vele Joden, die zich daaraan stooten, niet willen binnentreden. Jes. 57:14." C. Axenfeldt, Recht und Pflicht der Mission unter Israël. Nathanael, 4886, blz. 4 verv.

166) Nog gezwegen van die ellendigen die de oprechtheid hunner bekeering niet beter meenden te kunnen bewijzen, dan door hun afgezworen geloof zooveel mogelijk te belasteren en te smaden. Men denke aan Samuël Brentz , Jüdischer abgestreiffter Schlangenbalg, 1614 , Ferd. Hess, Juden-Geissel, 1589, en een lange lijst van dergelijke geschriften, de meesten reeds door hun titel de liefelijkheid van hun inhoud verradend.

-167) Nergens wellicht blijkt die onrust zóó sterk als uit de ongeloofelijke heftigheid met welke een Joodsche proseliet gewoonlijk door zijne stamgenooten vervolgd en gesmaad wordt, zóó zelfs dat het leven derzulken menigmalen feitelijk bedreigd is. Het volk dat zich het kort begrip van alle humaniteit en menschlievendheid acht, en nooit ophoudt te verkondigen dat ware verdraagzaamheid slechts bij hen wordt gevonden , verbreekt letterlijk alle banden , zelfs de teederste en heiligste die er op aarde zijn, die van bloedsverwantschap en kindschap, wanneer een der hunnen het waagt Jezus te belijden als den Immanuël en den gekomen Messias. Bijkans elk Zendingsblad brengt hiervan de vaak aandoenlijkste bewijzen. Wij wijzen slechts bij wijze van voorbeeld — ze zijn te verhonderdvoudigen — op de beide brieven van moeder Friedmann aan haren zoon, en het antwoord van dezen laatste aan haar. (In twee afzonderlijke tractaatjes uitgegeven bij A. Gezelle Meerburg te Heusden, -1890, onder de titels: »Kunt gij dit zonder tranen lezen?" en »Wat de zoon heeft geantwoord.") Zie ook blz. 27 van: Karei Coulson. Van de Synagoge tot hot Kruis, door Dr. M. L. Rossvally, Offic. v. Gezondh in dienst der Vereen. Staten van N.-A., 's Gravenhage, Blommendaal, 1888. Daar weigert een Jood-gebleven zoon zijne bekeerde moeder, slechts zeven minuten van hem verwijderd op haar sterfbed liggende, op haar vurig smeeken haar nog ééns te willen bezoeken, ook maar één voet te verzetten , met de woorden: «Vloek over haar! laat haar, wat mij betreft, sterven; zij is mijne moeder niet!" Zie nog de aandoenlijke »Jüdische Geschichten von Ludwig Kalisch" in Saat auf Hoffnung 1872 blz. 231 verv. en jaarg. 1873 blz. 56. Wanneer een zoon tot het Christendom overgaat, treurt in Polen — elders wellicht evenzoo — de vader zeven dagen lang over hem als over een doode, daarna erkent hij

Sluiten