Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

FINANCIEELE EN ECONOMISCHE OPMERKINGEN.

selen, waarvan men onder geen enkele omstandigheid afwijking kan toelaten. Dat, als regel, de arbeidsovereenkomst op civielrechtelijken voet geschoeid is, zal wel in de eerste plaats samenhangen met de omstandigheid, dat, eveneens als regel, de behoorlijke nakoming van die overeenkomst mag worden ondersteld.

Zoodra die onderstelling evenwel niet langer gehandhaafd kan worden, komt de zaak in een ander licht te staan. Dan komt vanzelf de vraag naar voren, op welke wijze dan wèl eene behoorlijke naleving kan worden bevorderd. Want, dat de naleving van iets wat men vrijwillig overeenkomt zedelijke plicht is, zal wel weinig tegenspraak ontmoeten. En waar zulk een plicht wordt verzaakt, kan het aanwenden van dringende middelen om tot de nakoming te nopen bezwaarlijk een zedelijk kwaad worden genoemd.

De vraag is dan alleen, of die middelen de meest juiste, de beste zijn.

Maar zóó wordt de aangelegenheid teruggebracht tot een waardeering van feiten en van feitelijke toestanden. Dan is er eerst de vraag, of de vrijwillige nakoming aannemelijk is te achten en dan volgt daarna eventueel de vraag, wat de beste middelen zijn om die nakoming te verzekeren.

Maar daaruit volgt dan ook, dat er voor heftige verontwaardiging in dezen pennestrijd toch eigenlijk geen plaats is.

Ni eet exces d'honneur, ni cette indignité, dat is de regel, die bij de bespreking van dit onderwerp in acht behoort te worden genomen, een regel waartegen van beide kanten wel eens gezondigd wordt; het meest

Sluiten