Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook Kant's ethiek voor U elementen, die slechts historisch te begrijpen zijn, toch aanvaardde U de kern en centrale intentie en achtte deze nog steeds richtinggevend voor heden en toekomst. Als wijsgeer bewust stelling kiezend was het de redelijkheid, zoals deze zich vermag te ontplooien in het kennen, willen en handelen op de basis van autonomie en vrijheid, die de keur en toetssteen vormt in de crisis van het moderne cultuurleven. In de veelzijdige activiteit, die U ontplooide en de grote verscheidenheid van sociale en wijsgerige contacten, die U steeds onderhield, lag deze bewuste positie-keuze voor een op de rede gegrondvest humanisme toch steeds aan uw oordelen en handelen ten grondslag. De beheerstheid en tact, waarmede U dit deed, maakte omgang en samenwerking ook met andersdenkenden op verrassende wijze mogelijk. Deze bewuste positiekeuze voor een door de rede verhelderd willen en het vooropstellen van het redelijk handelen bracht U ook tot een bewuste partijkeuze in het politieke en sociale leven. Lang voor de oorlog reeds had U de aanvaarding van de kern van het idealisme in metafysisch, kennistheoretisch en ethisch opzicht verbonden met die van de grondgedachten van Marx.

Kant's leer van de vrijheid erkende U weliswaar als zuiver, maar zij bleef volgens U te abstract doordat daarin de realiteit niet tot haar recht kwam. Marx' grote daad, waardoor hij volgens U Kant en Hegel overtrof en de meerdere van deze denkers was, bestond daarin, dat hij de ideële wereld verbond met de reële. U aanvaardde met hem de beslissende betekenis, die de objectieve realiteit van het economisch-maatschappelijk leven heeft voor de bovenbouw van het cultuurleven. U zag daarin een machtige visie op het verleden der mensheid en een profetische, richtinggevende idee voor de toekomst.

In de nieuwe fase na de oorlog wordt dan ook de objectieve realiteit der gemeenschap, zoals Marx deze leerde, voor U een alles beheersende grondgedachte en het is ongetwijfeld mede hieraan toe te schrijven, dat U ook in de kennistheorie de realiteitsgedachte niet langer critisch verwerpt.

De situatie was voor het wijsgerig denken na de tweede wereldoorlog allesbehalve eenvoudig. Het liet zich aanvankelijk aanzien, dat het wegvallen van de duitse filosofie met haar zo

Sluiten