is toegevoegd aan uw favorieten.

Koloniale vraagstukken van heden en morgen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

slotte niet zouden kunnen vinden, is niet aan te nemen. Hetzelfde geldt voor de volksstammen van Sumatra, terwijl de mogelijkheid van wrijvingen tusschen b.v. Sumatraan en Javaan uitgesloten zou zijn, wijl ze elk in eigen staatkundige figuur hun werkzaamheid konden ontplooien en de onpartijdige arbiter, de macht die voor de evenwichtigheid zorgt, in den vorm van het centrale Nederlandsche bestuur, op bescheiden wijze de wacht houdt, en juist daardoor bewerkt, dat eenmaal ook nog eens een werkelijk staatkundig Indonesië groeien kan uit wat nu verbrokkelde deelen zijn.

Den boven aangegeven weg is men in 1917 intus"

schen niet gegaan.

Men heeft er de voorkeur aan gegeven de verkeerde richting in te slaan en de toekenning van autonomie te zoeken in de sfeer der /andsregeering.

Alle bezwaren daartegen geopperd zijn metterdaad aan het licht getreden en zullen in toenemende mate openbaar worden.

De staatsregeling van 1925 was — althans vroeger of later — de onvermijdelijke stap, die volgen moest op dien van 1917.

En het voorstel met betrekking tot de gewijzigde samenstelling van den Volksraad — trouwens wat de gedachte zelf aangaat reeds in het ontwerp-Staatsregeling 1925 opgenomen — hoewel te beschouwen als een tegemoetkoming aan een gevoel van onbevredigdheid bij de goed willende inlandsche elementen en hun directen aanhang, die in de aanneming van het amendementFeber een bewijs van wantrouwen schijnen gezien te hebben, is even doelloos als elke andere maatregel reeds