Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ia de Fransche of Walsche Spraak in bet ligt 1). De uiigaave in de Fransche Taal, geschiedde geenzints om daar door aan te wyzen als of de Belydenis van en voor de Walsche Kerk alleen was ingestelt, maar om dat de Fransche Taal ter deezer tyd binnen en buiten de Nederlanden gemeenzamer en kennelyker was, dan wel de Nederlandsche Spraake, voornamentlyk den Koning van Spanje, en de Overheeden in de Nederlanden 2). Immers zy is terstont in 't volgende Jaar van 1563. uitgegeven in de Xederduitsche, als mede in de Hoogduitsche Taaie, hoedanig een afdrukzel, Trigland zelf getuigd gezien te hebben, en in zyn tyd genoegzaam voor handen geweest te zyn 3). Dus vervalt van zelf 't geen de Historieschryver der Remonstranten zynen Leezeren zoekt diets te maken: «dat de Gereformeerden in «den Jaare 1566. nog geen byzondere Belydenis hebbende, «haar behielpen met den titel van de Augsburgsche Con«fessie, tot dat zy eenen anderen zouden gesmeet hebben 4).»

Guido de Bres heeft in 't bewerpen van deeze Belydenis zig meerendeels bedient van de Belydenis der Hervormden in Frankryk, die in den Jaare 1559. te Parys in de Voorstad van Sint Germain, in een Nationaal Sinode der Gereformeerde Kerke onder het kruis opgemaakt en aangenomen is 5). Na dat men in een Kerkvergadering 's Jaars te voren, was overeengekomen, eene Geloofsbelydenis te ontwerpen , «die ten getuige strekte van de overeenstemming «der Kerke in de Leer, op dat niet eenige vreemde gevoelens «inkroopen 6)."

Men pryze Guido's beleid, dat hy zig voorzigtig van de Fransche Confessie heeft bedient. Want ten eersten: De

1) Trigland, Kerk. Hist. III. Deel, bl. 144.. Brand, Hist. der Reform. I. Deel, V. Boek, bl. 253.

2) Trigland, Kerk. Hist. III. Deel, bl. 144.

3) Kerk. Hist, bl. 144, 145.

4) Uitenbogaard, Kerk. Hist. IÏT. Deel, bl. 150.

5) Benoit, Hist. der Gereform. Kerken in Frankryk, I. Stuk, bl. 12.

6) Commentarii de Statu Religionis & Reipublicx in regno Callix, Part, Prim. pag. 14. by Eus, pubtik. Schrift. Hoofdst. III. §. IX. bl. 86.

Sluiten