Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jyt 'V

UIT GROEN'S JEUGD.

DOOR

Jhr. Mr. W. H. DE SAVORNIN LOHMAN.

III.

Op raad van prof. Tydeman, ') doch met tegenzin, besloot hij, in den aanvang van 1821, om over de geschiedenis des vaderland's niet enkel de colleges van Siegenbeek, die hij, om zijn candidaatsexamen in de rechten, te kunnen doen, volgen moest, 2) maar ook die van Bilderdijk, te hooren. 3)

s'Dichter's uiterlijke verschijning had weinig aantrekkelijks; 4) over diens huishouden gingen vreemde verhalen;5) en van die voorlezingen hoorde hij, onder studenten en professoren, in den regel, ook niet veel goeds. 6) Siegenbeek kon, zonder warm te worden, er niet over spreken7) en Kemper kwam, hoewel voor s'dichters groote verdiensten ook als historievorscher niet blind,8) er toch onomwonden voor uit hoezeer hij diens staatkundige denkbeelden verfoeide.9) Vader Groen hield ook niet van Bilderdijk. Hij had een geheel andere natuur en zich steeds naar de omstandigheden weten te schikken. Met den vroegeren raadpensionaris stond hij, nog altijd op goeden voet en hij

1) Hendrik Willem Tydeman, hoogleeraar in de rechten, geb. te Utrecht 25 Aug. 1773, overl. te Leiden 6 Maart 1863.

2) Art. 84 van het K. B. van 2 Augustus 1815 Stbl. no. 14.

3) Groen deelde dit indertijd, blijkens diens aanteekeningen, aan Mr. O. W. Star Numan mede. Bilderdijk was in '17, in September, dit collegie met zes studenten begonnen: Dr. R. A. Kollewijn. Bilderdijk. Zijn leven en zijn werken. Dl. II pag. 150.

4) De Clerq : t. a. p. pag. 221. Kollwijn t. a. p. Dl. II pag. 145.

5) Kollewijn t. a. p. Dl. II pag. 238, 241, 255, 257, en 264.

6) Tydeman in de voorrede (pag XIII) van Bilderdijk's Geschiedenis des Vaderlands.

7) Voorbericht van zijn : „De Eer van Wagenaar als Historieschrijver en die van Jacoba van Beyeren tegen Mr. W. Bilderdijk in zijne geschiedenis des Vaderlands verdedigd." pag. 1. Hij had vroeger reeds zijn hart gelucht in de 2e klasse van het Instituut in eene verhandeling van Jan Wagenaar als schrijver der Vaderlandsche Historie. (Verhandelingen IV pag. 65) omwerking eener Latijnsche rede, eenigen tijd te voren, voor de Leidsche studenten gehouden. (Kollewijn II 264).

8) Verhandelingen, Redevoeringen en Staatkundige Geschriften (1836) Dl. III pag. 153, 166.

9) Aldaar pag. 155.

Sluiten