Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

a. In art. 53 en 54 Sr. wordt alleen gesproken van den uitgever en den drukker, niet van den hoofddader, den schrijver, en ook niet van den redacteur. Voor deze personen gelden dus de algemeens bepalingen van het daderschap in verband met de deelneming.

b. Voor den uitgever en drukker nu bevat onze wet een uitzondering ten aanzien van hunne handelingen, die zij als zoodanig hebben verricht.

Hebben zij n.1. op behoorlijke wijze hun beroepsmedewerking verleend, zijn ze „technisch instrument" gebleven, dan gaan zij te dezen aanzien vrij uit en kunnen niet worden vervolgd. Een en ander echter onder de volgende voorwaarden:

aa. Wat den uitgever betreft, moest eerstens het gedrukte stuk zijn naam en woonplaats vermelden; vervolgens moet hij den dader (den schrijver) op de eerste aanmaning na den rechtsingang (niet dus na de dagvaarding) aan de justitie bekend maken, of wel deze moet (voor den rechtsingang) inmiddels bekend zijn; eindelijk stelt de wet als voorwaarde, dat de bekendgemaakte of bekendgeworden dader op het tijdstip der uitgave (verkrijgbaarstelling) strafrechtelijk vervolgbaar is, of niet buiten het rijk van Europa gevestigd is.

bb. Wat den drukker betreft gelden mutatis mutandis dezelfde voorwaarden. De wet spreekt hier echter niet van dader, maar van den persoon, op wiens last het stuk is gedrukt (zijn voorman, meestal den uitgever), terwijl inplaats van het tijdstip der uitgave, dat van het drukken in aanmerking komt. Zijn deze voorwaarden zoowel ten aanzien van uitgever als van drukker niet vervuld, dan gelden de algemeene bepalingen ook voor deze personen.

5. Evenals in onderscheiden andere landen zijn ook ten onzent bovendien aanvullende bepalingen opgenomen voor de culpose deelneming bij het drukpersdelict en wel in art. 418 en 419 Sr..

De drukker (uitgever) van eenig geschrift of eenige afbeelding van strafrechtelijken aard zal worden gestraft (met gevangenisstraf of hechtenis van ten hoogste één jaar of een geldboete van ten hoogste drie honderd gulden), als

1°. de dader (de persoon op wiens last het stuk is gedrukt) tijdens de vervolging noch bekend is, noch op de eerste aanmaning na den rechtsingang is bekend gemaakt,

2°. de uitgever (de drukker) op het tijdstip der uitgave wist of moest verwachten, dat de dader (op wiens last het stuk is gedrukt) op dit tijdstip der uitgave strafrechtelijk niet vervolgbaar of buiten het rijk in Europa gevestigd zou zijn.

Het strafbare feit bestaat in het uitgeven of drukken van een zevenbergen, Strafrecht. 18

Sluiten