Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haast van zelf, dat bij de volgende woorden verschil van lezing bestaat. Dit verschijnsel hebben wij heel vaak, als de pronomina Vfielq vfielt; in den een of anderen naamval naast elkaar staan en in een uitdrukking moeilijk te verstaan, als de hier voorkomende, was er aanleiding om door een andere lezing den tekst te vereenvoudigen. Naar de gewone tekstkritische regels is t'| ijfiatv èv vfiiv de beste lezing en dat is ook de moeilijkste l). Immers wij verwachten, dat hier nog een deugd zal worden genoemd, die op één lijn staat met de reeds vermelde. Stond er nu, dat de Korinthiërs overvloedig waren in de liefde, die van hen uitging naar Paulus en de zijnen, dan paste dat geheel, bij wat wij vroeger hebben gelezen over het herstel der goede verhoudingen. Maar ook i§ ij/iatv èv v/iiv is, zij het moeilijker, toch wel te verklaren. 'Ayantj èv vfilv spreekt van liefde, die bij de Korinthiërs aanwezig is. Ook daarin zijn zij overvloedig. '£§ riftviv zegt, dat die liefde haar oorsprong had bij Paulus en de zijnen. Zij hebben de liefde opgewekt, die nu bij de Korinthiërs leeft. Het is bij Paulus, die met een liefdevol hart naar Korinthe toog en met liefde aan de gemeente arbeidde, vgl. 1 Kor. 4 : 14 vlg., begonnen, nu keerde het tot hem terug. Wij zeiden reeds, dat de zin met ïva de kracht van een imperativus heeft. Xdqiq hier weer liefdebetoon. Paulus vermaant: gij, Korinthiërs, zijt in alles overvloedig, weest het ook in de collecte!

8. Paulus is ook in vs 8 voorzichtig. Hij spreekt niet xax' è-xixayijv, dat is: niet op de wijze van een opdracht, een bevel. Wij vinden dezelfde uitdrukking 1 Kor. 7 : 6, vgl. vs 25. Zij geeft te kennen, dat Paulus niet komt met een bepaald apostolisch bevel. Nu verwondert dat eenigermate, wanneer wij letten op Gal. 2 : 10 en 1 Kor. 16 : 1: óièxa^a ... .xot/jtfccre. Wij zullen echter deze plaatsen naar het duidelijke ov xax' inixuyqv moeten verklaren. Paulus heeft wel een verplichting op zich genomen tegenover de apostelen en Jeruzalem en hij beijvert zich ook daaraan te voldoen, maar dat wil nog niet zeggen» dat hij het recht heeft den gemeenten iets op te leggen. Hij kan slechts vragen om geld voor de armen te Jeruzalem. Bovendien moet Paulus oppassen, men heeft hem n.1. beschuldigd eigen voordeel te zoeken, vgl. 12 : 13 vlg. Wij ontvangen hier wel een regel, hoe het gaan moet met de kerkelijke financiën, van opleggen of dwingen kan geen sprake zijn 2).

*) XCDEFGe.a. lezen cf v/icöv èv rjfiïv. Hen volgen Tischendorf en Baljon. B 30, 31 e. a. hebben ef Tjuwv iv vu tv. Zoo lezen Westcott Hort, Von Soden, Nestle. Von Soden rekent de eerste lezing tot de K lezingen, brengt haar tot zijn tweede groep. Het is niet te ontkennen, dat bij de door ons aanvaarde lezing het gewicht van B „we^ zwaar telt, maar de lezing is ook de moeilijkste.

2) Calvijn: Quodsi roget quispiam: Annon illi praecipere licebat, quod habebat ex Domini mandato? Responsio facilis est, Deum

Sluiten